Johan 's nachts op pad..

Tutorial nachtfotografie deel 2: wat neem je mee?

Wat heb je nodig? … materiaal

Zo, nu hebben we een plan, een locatie, een dag en zelfs een tijdstip om op pad te gaan. Wat gaan we meenemen?

Basis materiaal

  1. Camera: slechte camera’s bestaan inmiddels niet meer, in feite is iedere camera geschikt zo lang je maar alles handmatig in kun stellen; zowel de belichting als de scherpstelling. Wel is het zo dat sommige compact- of bridgecamera’s vaak niet zo hoog kunnen in de ISO of dat lange sluitertijden pas mogelijk zijn bij lage ISO. Die camera’s zijn niet geschikt, maar spiegelreflex camera’s of systeemcamera’s gaan allemaal prima.
  2. Lichtsterkte groothoeklens: in de nacht werk je het liefst met een groothoeklens (immers je wil vaak de nachtelijke hemel fotograferen). Hoe groot is groot? Voor fullframe camera’s is alles onder de 24mm prima geschikt, denk aan 20mm, 16mm, 14mm of zelfs 12mm. Voor cropcamera’s zijn lenzen van 10mm tot 16mm het beste. Omdat je ’s nachts weinig licht hebt, werk je het liefste met lichtsterke lenzen. Niet alleen scheelt dat in sluitertijd maar ook kun je zelf ook meer zien door de lens om een compositie te bepalen. Mooiste zijn f/2.8 lenzen hoewel er zelfs ook nog f/1.8 groothoeklenzen zijn. Natuurlijk kan f/4 ook nog wel maar hoe lichtsterker hoe fijner.
  3. Géén UV-filter: misschien heb je allemaal beschermingsfilters op je lenzen, prima, maar haal ze er in de nacht vanaf. Door de vele kleine lichtbronnetjes kun je snel last krijgen van flare.
  4. Statief:  zonder statief geen nachtfotografie. Hoe groter en lomper het statief, hoe beter. Je werkt met lange sluitertijden dus wil je echt zo stabiel mogelijk zijn. Neem ook geen statief met een middenpoot, dat is het meest instabiele deel. Kop is verder niet echt van belang zo lang alles maar écht stevig is! Oh ja, een statiefnetje zorgt ervoor dat je van alles kwijt kan, zoals de draadontspanner of de accu voor je dauwlint (zie verderop).
  5. Draadontspanner: ik werk ’s nachts altijd met een afstandbediening, dan hoef je de camera niet aan te raken bij het maken van een foto. Je hebt allerlei draadloze systemen t/m bediening via je telefoon, toch werk ik het liefst met de meest eenvoudige draadontspanner. Dan kunnen er ook geen batterijen opraken of verbinding verliezen. Verder is dit ook verreweg het makkelijkste bij het maken van sterrensporen. Oh ja, doe jezelf een plezier en koop een merk eigen remote, geen third party. Ik heb er inmiddels zoveel van versleten waarbij ineens een draadbreuk ontstond of een contactpuntje niet meer werkte.
  6. Volle accu’s en lege kaartjes: in deze volgorde. Zeker in de winter gaat een accu een stuk sneller leeg dan je gewend bent. Bewaar reserve accu’s ook altijd in je broekzak waar ze warm blijven.
Stevig statief, draadontspanner, camera met lichtsterke groothoeklens... nachtfotograaf kan aan het werk.

Stevig statief, draadontspanner, camera met lichtsterke groothoeklens… nachtfotograaf kan aan het werk.

Je eigen materiaal

Je camera is nu in orde maar nu jij nog. Zeker in de wintermaanden is het handig om ook zelf goed voorbereid op pad te gaan. Een ommetje met de hond bij -5 is heel iets anders dan bij -5 uren stil te staan.

  1. (Hoofd)lampje met rood licht: ik werk zelf meestal zonder licht, je ogen zijn na 20 minuten aan het donker gewend. Toch heb je af en toe wat licht nodig, dan is een hoofdlampje waarbij je je handen vrij hebt, het handigst. Als je er een gaat kopen, zoek er dan een die ook een rood lichtje heeft. Rood licht verstoort je nachtzicht niet waardoor je, als je je lampje weer hebt uitgezet, weer alles ziet om je heen. Veel fijner dat het witte licht.
  2. Warme winterkleding: kleed je warmer aan dat je zou doen voor een ommetje, je staat uren stil. Ook al vriest het misschien niet eens, neem toch dikke handschoenen en muts mee, een extra fleece en warme schoenen. Lijkt overdreven maar het is zonde als je de mooiste nacht moet afbreken omdat je het zelf te koud hebt. Zelf heb ik in de kou altijd merinowollen ondergoed en zorg ik voor een winddichte jas. Daartussen kun je werken met laagjes, een laagje uitdoen is nooit een probleem.
  3. Eten en drinken: je wordt moe en het is koud. Neem daarom voldoende eten en drinken mee. Pinda’s, rozijnen of mueslirepen zijn goede energiebronnen in de nacht maar ook een boterham met (pinda)kaas doet wonderen. Als het waait of vriest verlies je ook veel vocht zonder dat je het merkt. Dus ook water mee!
Onder het noorderlicht dineren met rode hoofdlampjes om het nachtzicht niet te verstoren.

Onder het noorderlicht dineren met rode hoofdlampjes om het nachtzicht niet te verstoren.

Materiaal voor de meer gevorderde nachtfotograaf

Naast alle basismaterialen zijn er ook een aantal spullen voor als je verder komt in de nachtfotografie.

  • Nachtfilter of lichtvervuilingsfilter: er zijn inmiddels diverse filters te koop waarmee een groot deel van de lichtvervuiling wordt weggefilterd. Geen wondermiddel maar zeker bij kraakheldere hemel een grote meerwaarde. Zie hier voor uitgebreide foto wiki.
  • Een Light Pollution filter kan helpen de gele zweem van lichtvervuiling teen de heldere hemel weg te filteren.

    Een Light Pollution filter kan helpen de gele zweem van lichtvervuiling teen de heldere hemel weg te filteren.

    Dauwlinten: voor een losse foto’s heb je niet zo’n last van vocht maar als je de camera langer laat klikken, bijvoorbeeld voor sterrensporen, dan loop je het risico dat vocht tijdens de nacht neer gaat slaan op je lens met een grote condensvlek als gevolg. Om dat te voorkomen kun je je lens verwarmen. Daarvoor zijn diverse manier, zie de tutorial Hoe voorkom je condens op je lens in de nacht?

  • Met een dauwlint verwarm je het frontelement van je lens om mogelijke condensvorming in de nacht te voorkomen.

    Met een dauwlint verwarm je het frontelement van je lens om mogelijke condensvorming in de nacht te voorkomen.

    Volgsysteem of astrotracker: de aarde draait door tijdens de nacht en bij té lange sluitertijden ga je die draaiing zien; de sterren beginnen sporen te trekken in plaats van als losse puntjes op je foto terecht te komen. Wil je toch met erg lange sluitertijden werken, bijvoorbeeld voor de Melkweg of deepspace fotografie, dan is het nodig dat je camera tijdens de belichting tegen de richting van de draaiing van de aarde draait zodat de camera ten opzichte van de sterren stil staat. Dat kun je voor elkaar krijgen met een volgsysteem. Inmiddels zijn er veel systemen te koop, ook relatief kleine om makkelijk mee te nemen. Zie voor meer informatie: Astrofotografie, volgsystemen (astrotracker).

Zo, nu weten we waar we heen gaan, wanneer, hoe laat (deel 1 in deze tutorialreeks) én wat we meenemen. Wat we nou gaan doen vertel ik in deel 3, in het laatste deel ga ik in op de techniek van sterrensporen.

Heldere sterrenhemel op Schiermonnikoog: voorbereiding & materiaal.

Tutorial nachtfotografie deel 1: voorbereiding – waarheen en wanneer

Waar? … locatie

Alles begint met een plek. Waar ga je heen? Hoe bepaal je nou een goede locatie waar je in mág, waar het donker is èn waar er genoeg te doen is voor een mooie nachtelijk compositie.

  1. Plan: alles begint met een plan, een idee. Wat wil je. Afhankelijk van je idee zoek je naar een bepaalde compositie en daarmee locatie. Een doorkijkje, een eenzame dode boom, een grote vlakte met weids uitzicht of de reflectie in het water. Denk eerst je plan uit en bedenk dan wat voor soort locatie daarbij hoort.
  2. Lichtvervuiling: een mooie sterrenhemel valt en staat met of het echt donker is. Nu is het in Nederland nergens echt donker, overal is het effect van lichtvervuiling merkbaar. Maar het is wel een verschil of je onder de rook van een stad fotografeert of dat er de komende 20 kilometer geen bebouwing aanwezig van wezenlijk belang. Een goede start is om de Light Pollution Map te raadplegen. Daarop kun je precies zien welke gebieden van ons land nog enige kans van slagen hebben voor een mooie sterrenhemel. Vooral het oosten en noorden van het land gaan goed, zeker als je naar het noorden oriënteert.
  3. Oriëntatie: lichtvervuiling is niet alleen recht omhoog maar altijd wel ergens in de verte aanwezig, hoever je ook van de stad bent. Echter, een stad in het oosten hoeft geen effect te hebben als je fotografeert richting noord. Kijk daarom op Google Maps of je vrij uitzicht hebt, hoe ver de eerstvolgende bebouwing van je af ligt en in welke richting je een vrije oriëntatie hebt.
  4. Toegankelijkheid: veel plekken in Nederland mag je ’s nachts de natuur niet in na zonsondergang. Daarmee zijn heel veel mooie gebieden en potentieel prachtige nachtlocaties niet mogelijk, bijzonder jammer maar dat is een andere discussie waard. Je kunt ervan uitgaan dat gebieden van een terreinbeheerder als Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten of de provinciale landschappen niet toegankelijk zijn. Tenzij er een openbare weg of openbaar fietspad doorheen loopt maar vaak mag je dan alleen van die weg of pad fotograferen, er niet vanaf. Natuurlijk blijven er genoeg locaties of je moet kijken of je toestemming kan krijgen. Hou je niet van verrassingen, zoek dan uit of je beoogde locatie wel toegankelijk is ’s nachts.
  5. Voorverkenning: ga niet ’s nachts voor het eerst op pad naar je beoogde locatie. ’s Nachts zie je niets, ook niet de slootjes of het paadje naar het perfecte plekje. Het zoeken van een goede plek kost ’s nachts teveel tijd, daarom wil je in het donker meteen naar de beoogde locatie. Ga daarom overdag op verkenning, dwaal door je gebied en noteer goede plekken in bijvoorbeeld TopoGPS op je telefoon. Kijk voor mooi markante bomen, doorkijkjes of andere elementen voor in je compositie.
Overdag gescout en gekeken naar de oriëntatie. Deze plek onthouden...

Overdag gescout en gekeken naar de oriëntatie. Deze plek onthouden…

.... en later gebruikt als voorgrond bij de Melkweg.

…. en later gebruikt als voorgrond bij de Melkweg.

Wanneer? … moment

Als je eenmaal je plan(nen) hebt, je gebieden hebt verkend en je exacte locaties : hebt bepaald is het de vraag wanneer je op pad gaat. Een heldere nacht? Beetje bewolking? Wel of geen maanlicht? Hoe laat op pad? Allemaal momenten met eigen (on)mogelijkheden.

  1. Weersverwachting: dat is het belangrijkste, het in de gaten houden van het weer. Wordt het een heldere nacht. Diverse weersapps zoals WeatherPro of Buienradar geven een steeds betere verwachting op de korte en lange termijn. Kijk niet alleen naar de bewolking maar volg ook de temperatuurtrend. Koude nachten geven meer kans op helder weer dan als de temperatuur niet wezenlijk veranderd ten opzichte van overdag. Zeker nu de winter in aantocht is betekent vorst in de nacht vaak helder weer. De app en website Clear Outside geeft gedetailleerde informatie over bewolking op verschillende hoogtes, visibility, mist, temperatuur en luchtvochtigheid. Ventusky geeft je een goede indruk over grotere systemen en de richtingen deze systemen.
  2. Voelen: voelen? Ja, voelen! Vaar niet blind op de weersverwachtingen maar ga naar buiten en voel. Voel het gras, voel de lucht, ruik de lucht. De beste weerindicator is je gevoel en je reuk. Als het helder is wordt het kouder, het vocht slaat neer op het gras en je ruikt dat het kouder wordt. Dat is een goed teken. Het moet fris zijn.
  3. Maan: de maan kan je grootste vriend zijn, of je grootste vijand. De volle maan is zó fel dat je de meeste sterren niet meer ziet maar het zorgt wel voor een prachtige belichting van je landschap. Nieuwe maan geeft de donkerste nachten met de meeste sterren maar alle objecten in het landschap zijn silhouetten. En natuurlijk alle gradaties daartussen. Daarnaast moet je ook nog rekening houden met de baan van de maan en de maanopkomst en -ondergang. Het eerste kwartier (tussen nieuwe maan en halfvolle maan) is de maan zichtbaar in het eerste deel van de nacht, tijdens volle maan de hele nacht en tijdens het laatste kwartier is hij alleen het tweede deel van de nacht boven de horizon. Wil je een maanloze nacht dan hoef je niet per se te wachten op nieuwe maan, want tijdens het laatste kwartier heb je het eerste deel van de nacht nog geen last van de maan. Alles over de maan, hoe laat hij opkomst en ondergaat, waar hij op elk moment van de nacht staat en hoe vol de maan is kun je plannen met de website en app TPE (The Photographers Ephemeris).
  4. Tijdstip: hoe laat kun je op pad? Dat heeft te maken met het tijdstip in het jaar. Immers, de zon gaat in de zomer later onder dan in de winter en dus is het dan ook later donker. Nadat de zon is ondergegaan kennen we drie schemerperiodes voor dat het volledig nacht is:
    1. Civiele Schemering: de zon is nu tussen de 0° en 6° onder de horizon. Hij is weliswaar ondergegaan maar het is nog licht genoeg om een boek te lezen. Het eind van de civiele schemering kan het licht blauwachtig worden onder bepaalde omstandigheden, het ‘blauwe uurtje’.
    2. Nautische Schemering: de zon is nu tussen de 6° en 12° onder de horizon. De eerste sterren worden zichtbaar (meestal als eerste planeten als Venus en/of Jupiter) en de horizon is nog goed te zien. Op zee kunnen ze nu op zowel sterren als horizon oriënteren. De menselijke verlichting gaat aan maar de lucht is nog duidelijk blauw, de camera kan zelfs nog de laatste kleuren van de zon vastleggen. De maan is nu nog niet zo fel t.o.v. de lucht zodat je nu het makkelijkste zowel de maan goed in detail als het landschap kunt fotograferen.
    3. Astronomische schemering: de zon is nu tussen de 12° en 18° onder de horizon. Voor ons lijkt het inmiddels al echt nacht alleen als je foto’s gemaakt in deze schemering vergelijkt met die in de volle nacht zie je duidelijk verschil. In de zomermaanden komen wij in Nederland niet uit deze schemerperiode, wij hebben dan officieel geen volledige nacht! Overigens is dit wel sterke locatie gebonden, zo komt Schiermonnikoog van 31 mei t/m 12 augustus niet uit de astronomische schemering terwijl het zuidelijkste puntje van Zuid Limburg gedurende zelfs de zomer nog een heel klein stukje échte nacht houdt.
    4. De nacht: pas als de zon onder de 18° onder de horizon staat is er officieel geen invloed meer van zonlicht op aarde en spreken we van de volledige nacht.
    5. Aan het eind van de nacht komen weer de astronomische, nautische en civiele schemering alvorens de zon opkomt. Ook daar moet je rekening mee houden.
  5. Tijdstip in het jaar: de schemerperiodes verlopen natuurlijk door het jaar. Kun je in de wintermaanden al na het avondeten op pad, in de zomermaanden kun je alleen in Zuid Limburg rond 24:00 een beetje van de nacht genieten. Niet voor niets dat het nachtfotografie seizoen vooral in de herfst en winter plaatsvindt. Dan is het ook nog eens kouder en kun je zelfs nog enigszins op tijd naar bed.
De Melkweg boog gefotografeerd vanaf Schiermonnikoog, in de échte nacht.

De Melkweg boog gefotografeerd vanaf Schiermonnikoog, in de échte nacht.

Een half uur later, inmiddels weer in de astronomische schemering... veel lichter al.

Een half uur later, inmiddels weer in de astronomische schemering… veel lichter al.

Zo, nu weten we waar we heen moeten en wanneer we moeten gaan. In het volgende deel ga ik verder met wat we mee moeten nemen. In deel 3 ga ik het hebben over de instellingen, hoe fotografeer je in de nacht en in het laatste deel zal ik een special, sterrensporen, behandelen. Kortom, een uitgebreide reeks aan tutorials over nachtfotografie!

Hoe mooi, de combinatie van noorderlicht èn het Noorse vissersdorpje in ook nog eens de correcte kleur.

Benro True Night filter: einde lichtvervuiling in de nacht?

Deze review is eerder verschenen bij CameraNU.nl.

Nederland: overspoeld door licht

Mensen die mij kennen weten dat ik ambassadeur ben van de Nacht van de Nacht en zoveel mogelijk in mijn nachtfotografie statements wil maken tegen lichtvervuiling. Het menselijke nachtelijke licht is niet alleen van grote invloed op fauna zoals trekvogels die gedesoriënteerd raken of nachtvlinders die maar ook op het milieu door het enorme energieverbruik. En niet in de laatste plaats is de invloed van onze 24/7 verlichting ook van grote invloed op ons mensen: mensen slapen slechter in het door licht overspoelde westen van ons land dan in het oosten. Maar niet alleen de rustende mens heeft er last van… wat dacht je van de wakende nachtfotograaf? Nederland is – een discutabele eer – het meest lichtvervuilde land ter wereld!

Work-around voor licthvervuiling

Als professioneel nachtfotograaf ben ik graag in Scandinavië aan het werk omdat daar de nacht nog echt donker is. Toch ligt er voor mij een belangrijke taak in Nederland weggelegd… juist hier zie ik het als mijn plicht om mensen te wijzen op hoeveel licht er in ons land ’s nachts aanwezig is en wat de enorme impact is. En dus ben ik heel veel in Nederland op pad in de nacht.

Voor mij is lichtvervuiling een doel maar voor de meeste andere nachtfotografen is het een vreselijke gele zweem over het beeld. Waar je in Nederland ook fotografeert, zelfs op het donkere Schiermonnikoog, overal is de invloed van het menselijke licht als een vieze warme deken op het beeld zichtbaar.

Hoe erg is lichtvervuiling? Elk zichzelf respecterende fabriekstoren schijnt al 25 lampen te moeten hebben die per definitie de hele nacht moeten branden… en waarvoor?

Hoe erg is lichtvervuiling? Elk zichzelf respecterende fabriekstoren schijnt al 25 lampen te moeten hebben die per definitie de hele nacht moeten branden… en waarvoor?

Als work-around gebruiken de meeste fotografen de truc om de witbalans op 3000K á 3500K te zetten. Nee, de lichtvervuiling is dan zeker niet weg maar omdat je foto extra blauw is valt het minder op. Deze truc gaat goed zo lang je geen werkelijke kleur in het beeld hoeft te hebben, zolang het niet erg is dat alles té blauw wordt. Toch is er tegenwoordig een nettere manier.

True-Night-filter

De naam zegt het al, een ‘echte’ nacht filter. Benro heeft een True Night Filter in hun top Master serie ontwikkeld die precies een deel van het licht wegfiltert, juist dat deel waarin het grootste deel van de lichtvervuiling zit. Het grootste deel van het licht waar we aan de hemel als fotograaf zo’n last van hebben komt door natriumlampen. Deze lampen zenden licht uit in een heel specifiek deel van het lichtspectrum, namelijk in de golflengte van 575nm á 600nm wat overeenkomt met het kenmerkende geel/oranje licht. Benro heeft een filter ontwikkeld die precies dit deel van het spectrum niet doorlaat door middel van speciaal didymium glas. Wanneer in het beeld geen licht in dit spectrum aanwezig is zou het beeld met en zonder filter gelijk moeten zijn terwijl bij meer lichtvervuiling het geel/oranje licht verdwijnt.

De Benro True Nihgt filter komt in een mooi zakje en ook nog eens een mooi hard doosje.

De Benro True Nihgt filter komt in een mooi zakje en ook nog eens een mooi hard doosje.

De filter is een paars/roze achtige glasplaat die zowel als schroeffilter te koop is (voor 77mm en 82mm) als vierkante plaat voor het 100mm filterhouder systeem. Ikzelf werk met de vierkante plaatfilter, deze voelt zeer solide en stevig aan en past perfect in iedere filterhouder. De hoekjes zijn afgerond en dus geen onverwachte sneeën in je vingers of kapotte handschoenen.

Filter gemonteerd in het nieuwe Benro FH100M2 filtersysteem, hij sluit mooi af zelfs voor de grotere maten van lenzen.

Filter gemonteerd in het nieuwe Benro FH100M2 filtersysteem, hij sluit mooi af zelfs voor de grotere maten van lenzen.

Hoewel ik als ambassadeur van de nacht natuurlijk in essentie zou willen dat zo’n filter überhaupt niet eens nodig zou mogen zijn ben ik natuurlijk best blij als nachtfotograaf dat er nu een mogelijkheid is om op fijnere manier om te gaan met de menselijke drive naar daglicht. Reden om deze filter eens goed aan de tand te voelen.

Historische Tjasker in Nationaal Park Wieden-Weerribben, ondanks dat de dorpen ver weg liggen is de lichtvervuiling duidelijk aanwezig. Witbalans van 4000K.

Historische Tjasker in Nationaal Park Wieden-Weerribben, ondanks dat de dorpen ver weg liggen is de lichtvervuiling duidelijk aanwezig. Witbalans van 4000K.

Zelfde beeld (alle instellingen gelijk, ook de witbalans) maar nu met de Benro True Night filter. De lichtvervuiling is nu veel minder, de gele zweem is weg maar je ziet nog wat paars rest licht aan de horizon.

Zelfde beeld (alle instellingen gelijk, ook de witbalans) maar nu met de Benro True Night filter. De lichtvervuiling is nu veel minder, de gele zweem is weg maar je ziet nog wat paars rest licht aan de horizon.

Filter vs work-around

In eerste instantie ben ik benieuwd in hoeverre er veel verschil te ziens is tussen de 3500K-truc en de true night filter.

Geen filter gebruikt, witbalans op 5000K, ISO6400, f/5 en 6”

Geen filter gebruikt, witbalans op 5000K, ISO6400, f/5 en 6”

Zelfde beeld, witbalans aangepast op 3500.

Zelfde beeld, witbalans aangepast op 3500.

Foto met Benro True Night filter, witbalans op 5000K, ISO12.800, f/5 en 6”.

Foto met Benro True Night filter, witbalans op 5000K, ISO12.800, f/5 en 6”.

Wat opvalt is, om de foto mèt filter net zo licht te krijgen als zonder foto de ISO een volledige stop opgehoogd moest worden. Natuurlijk had ook de sluitertijd 2x zo lang gekozen kunnen worden of de diafragmawaarde verlaagd maar om de scherptediepte èn beweging van de sterren gelijk te houden is gekozen voor een ophoging van de ISO. Dat betekent dus dat hier de helft van het licht is weggefilterd met het True Night filter, oftewel, de lichtvervuiling bepaalde in dit geval dus de helft van het aanwezige licht! Dat is best schrikbarend.

Verder is te zien dat met de 3500K-truc het lichtvervuilingsprobleem redelijk te tackelen is, hoewel beide beelden toch nog een andere uitstraling hebben wat kleur betreft. Wanneer is deze filter dan wel noodzakelijk?

Grote verschillen

Eenmaal aan de slag met deze filter blijken de verschillen enorm te zijn. Omdat onze ogen enerzijds zo gewend zijn aan een lichtvervuilde nachtelijke hemel maar belangrijker nog omdat onze ogen ’s nachts nauwelijks kleur waarnemen hebben wij niet door hoeveel lichtvervuiling er om ons heen is. Bijna ieder beeld wat ik maakte zonder filter en wat er best prima uitzag bleek een enorme transformatie te ondergaan wanneer de filter werd gemonteerd.

Het is niet zo dat sterren meer zichtbaar worden, immers er komt geen licht bij. Alleen omdat uit de lucht de gele zweem wordt weggefilterd, wordt de hemel donkerder terwijl het sterrenlicht gelijk blijft. Het licht/donker contrast wordt groter dus zijn sterren beter zichtbaar!

Het monument voor de binnenvaart op werelderfgoed Schokland.

Het monument voor de binnenvaart op werelderfgoed Schokland.

Met filter komt de werkelijke kleur van de nacht naar boven.

Met filter komt de werkelijke kleur van de nacht naar boven.

Het lichtwachterswoning op de haven van Schokland met de ‘vuurtoren’.

Het lichtwachterswoning op de haven van Schokland met de ‘vuurtoren’.

Je ziet dat de kleur van de hemel wordt aangepast door het filter maar dat de kleur van vuurtoren (paars) en raampje (‘uit’lampje) niet veranderen. De sterren vallen veel meer op.

Je ziet dat de kleur van de hemel wordt aangepast door het filter maar dat de kleur van vuurtoren (paars) en raampje (‘uit’lampje) niet veranderen. De sterren vallen veel meer op.

De Melkweg boven natuurgebied de Alde Faenen.

De Melkweg boven natuurgebied de Alde Faenen.

Met filter komt ineens de Melkweg een stuk beter uit.

Met filter komt ineens de Melkweg een stuk beter uit.

Correctie in belichting

Zoals in te zien is, bleek voor mij dat het werken met de filter een enorm meerwaarde te hebben. Zonder de witbalans te hoeven veranderen krijg je nu een diep blauwe sterrenhemel waarin sterren veel beter uitkomen. Wat je ook merkt is dat je de belichting wel constant moet corrigeren, afhankelijk van de hoeveelheid lichtvervuiling is dat voor mij 2/3 tot 1 1/3 stop. Wanneer je al hoog in de ISO zit met laag diafragma en lange sluitertijd is dat soms even puzzelen waar je die gemiddeld extra stop vandaan moet halen. Maak je de sluitertijd tweemaal zo lang dan loop je het risico op bewogen sterren in beeld, een lager diafragma moet je wel hebben in je objectief en dus is het vaak de ISO die nog een extra stop omhoog moet. Natuurlijk zorgt dat voor meer ruis maar bedenk wel dat door een hogere lichtgevoeligheid ook zwakke sterren beter uitkomen!

Niet helemaal de bedoeling maar even half voor de lens gehouden. Wat opvalt is niet alleen het enorme kleurverschil maar ook het verschil in belichting. Rechts (met filter) is niet alleen blauwer maar tevens veel donkerder. Scheelt een volle stop (factor 2 aan licht).

Niet helemaal de bedoeling maar even half voor de lens gehouden. Wat opvalt is niet alleen het enorme kleurverschil maar ook het verschil in belichting. Rechts (met filter) is niet alleen blauwer maar tevens veel donkerder. Scheelt een volle stop (factor 2 aan licht).

Proef op de som, een paar minuten later, filter andersom half voor de lens. Aan de werkelijkheid is niets veranderd maar je ziet nu meteen ook het verschil in belichting maar nu andersom.

Proef op de som, een paar minuten later, filter andersom half voor de lens. Aan de werkelijkheid is niets veranderd maar je ziet nu meteen ook het verschil in belichting maar nu andersom.

ISO3200, f/6.3 en 30 seconden. Geen filter.

ISO3200, f/6.3 en 30 seconden. Geen filter.

ISO6400, f/6.3 en 30 seconden met True Night Filter.

ISO6400, f/6.3 en 30 seconden met True Night Filter.

Werkt het altijd?

Nee helaas niet. Voor mij is het een geweldige filter voor kraakheldere sterrenhemels om de gele zweem uit de nacht te krijgen. Maar op het moment dat er bewolking bij komt kijken kun je gele wolken niet ineens wit krijgen.

‘nacht’ tussen de kassen van Luttelgeest. Zonder (links) en met (rechts) filter, beide foto’s op 4000K.

‘nacht’ tussen de kassen van Luttelgeest. Zonder (links) en met (rechts) filter, beide foto’s op 4000K.

Bij bewolking zie je dat wel degelijk een stuk van het licht wordt weggefilterd maar dan blijkt dat lang niet al het licht van de menselijke lampen precies in het spectrum valt waar de Benro filter filtert. Zo blijft er een vieze rode zweem over wanneer het geel en oranje eruit wordt gehaald. Bewolking, zeker dichtbij de lichtbron, zorgt in sommige gevallen helaas voor lelijke kleuren bij gebruik van het filter. Ook wanneer de lichtbron direct in beeld komt werkt de filter niet lekker. Dan krijg je al snel dezelfde vies rode kleur.

Ik heb de filter ook gebruikt met volle maan op Schiermonnikoog om te kijken of er dan nog lichtvervuiling te zien is en dus effect. Immers, de maan schijnt zó fel dat het eigenlijk de meeste lichtvervuiling overstraalt.

De Waddendijk met volle maan (schuin van links), 5750K.

De Waddendijk met volle maan (schuin van links), 5750K.

Gecorrigeerd in de nabewerking naar 4500K.

Gecorrigeerd in de nabewerking naar 4500K.

Met filter, 5750K.

Met filter, 5750K.

Aan instellingen lijkt er weinig anders te zien maar de kleur is wel degelijk anders. Toch is het eindresultaat van zonder filter met witbalans correctie nagenoeg gelijk aan de foto met filter. Alleen aan de rode straatlantaarn links is een klein verschil te merken.

True Night Aurora: wow!

En zo heb ik mijn tijd samen met het filter doorgebracht. Zeker zie ik effect, vooral bij heldere sterremhemels is het effect enorm en komende sterren een stuk beter door. Maar toen ik Noorderlicht in Noorwegen ging fotograferen zag ik dat ik eigenlijk niet zonder kon.

Noorderlicht in Noorwegen, zonder filter. Witbalans op 4000K.

Noorderlicht in Noorwegen, zonder filter. Witbalans op 4000K.

Correctie van de witbalans naar 3200K. De lucht is nu mooi blauw maar ook de kleur van het Noorderlicht is ineens anders en veel te veel zeegroen.

Correctie van de witbalans naar 3200K. De lucht is nu mooi blauw maar ook de kleur van het Noorderlicht is ineens anders en veel te veel zeegroen.

Noorderlicht met Benro True Night filter, nu blijkt dat je eigenlijk niet zonder kan. De lucht is hier namelijk mooi blauw maar het noorderlicht heeft nu de goede, meer groene, kleur.

Conclusie

Nogmaals, als ambassadeur van de Nacht van de Nacht vind ik het in essentie treurig dat er zo’n filter nodig is om de ‘echte’ nacht te laten zien maar als nachtfotograaf kan ik hiermee juist laten zien hoe erg lichtvervuiling. Ik kan nu voor een heel groot deel hetzelfde beeld creëren alsof er geen lichtvervuiling aanwezig is en dat is een enorm krachtig middel!

Haalt deze filter alle lichtvervuiling eruit? Nee, zeker niet. Reflectie tegen bewolking en direct licht houden een soort paarse / rode zweem over maar worden zeker niet kleurloos. Bij heldere sterrenhemels werkt het echter enorm goed, zeker als je niet midden in het kassencomplex gaat staan. Alles heeft zijn grenzen maar als je die eenmaal kent kun je met dit filter enorm gave dingen doen. Voor wat betreft scherpte of contrast verlies heb ik niets kunnen bespeuren. Natuurlijk is nachtfotografie niet de tak van sport waarbij absolute scherpte van grootste belang is maar toch is het fijn dat de filter geen afbreuk doet aan de beeldkwaliteit.

Bedenk dat je wel nóg hoger in de ISO zal moeten omdat je best wat licht kwijt bent. Maar dat heeft de echte nachtfotograaf er zeker voor over. Ook tijdens het blauwe uurtje zal dit filter grote diensten kunnen bewijzen. De filter is te koop als zowel opschroefvariant als 100mm plaatfilter voor in een filterhouder. In de nacht werk je waarschijnlijk toch niet met andere filters dan deze en dus zal schroef wel net zo handig zijn. Maar als je de filter ook in het blauwe uurtje wil gebruiken of op andere momenten toch een combinatie wil maken met bijvoorbeeld een grijsverloopfilter dan is een plaat voor in je houder misschien wel net zo makkelijk.

Al met al ben ik enorm tevreden. Hij is niet goedkoop en met de witbalans truc kun je een heel eind komen. Maar als je echt verder gaat in de nachtfotografie van sterrenhemels kan het eigenlijk niet anders dan dat dit filter ’s nachts mee op pad gaat. Nu nog zorgen dat je niet uit macht der gewoonte je filterhouder uit de tas gooit voor je op pad gaat. Been there…

Pluspunten

  • Hele goede oplossing voor de gele lichtvervuilingszweem aan heldere sterrenhemel.
  • Solide en stevige glasplaat, echt onderdeel van de Top Master serie.
  • Komt in een goede hoes.
  • Te koop als zowel schroeffilter (maten 77mm en 82mm) als plaatfilter voor 100mm filterhouder.
  • Plaat past perfect in het nieuwe Benro FH100M2 filtersysteem.
  • Zorgt voor perfecte kleuren bij noorderlicht.
  • Geen waarneembare afname van scherpte of contrast.

Minpunten

  • Haalt niet alle lichtvervuiling weg, je houdt vaak in de hoeken nog een paars rode zweem over.
  • Werkt minder mooi in combinatie met veel wolken of de lichtbron in beeld.