Deze tutorial is gepubliceerd in het Natuurfotografe Magazine #83 / editie 2026-03
Macrofotografie staat voor het vergroten van kleine onderwerpen en is eigenlijk onlosmakelijk verbonden met de macrolens of in ieder geval een macrotechniek als tussenringen of macro voorzetlenzen. Alles om het kleine zo goed en groot mogelijk in beeld te brengen. Toch is het bijna zonde als je alleen met de macrolens je detail te lijf gaat want juist een ogenschijnlijke verkeerde lens voor macro – de groothoek – kan een heel nieuwe licht schijnen op natuurdetails.

Macro landschap, detail-in-landschap, groothoek-detail, of macro-groothoek… allemaal namen voor hetzelfde, namelijk het fotograferen van details met een groothoeklens. Dat geeft een nieuwe eigen kijk en een heel specifiek gevoel in je beeld. Het is macro/detail fotografie en toch schuurt het ook aan tegen landschapsfotografie.
Inhoudsopgave
Wat is ‘macro’ eigenlijk?
Eerst even een voorbehoud voor de strikte macrofotografen, veel van de foto’s in dit artikel zijn strikt genomen eigenlijk geen macro maar op z’n best close-up. De officiële definitie van ‘macro’ is dat je onderwerp even groot op de sensor wordt geprojecteerd als het in werkelijkheid is, zogenaamde 1-op-1 vergroting (of groter). Dan is het pas macro. Dus pas als je met je macrolens op de meest dichtbije scherpstelafstand zit, is het pas macro. Zo gauw je ook maar iets naar achteren gaat voor meer ruimte is het geen macro meer. Als je een libel beeldvullend fotografeert is het geen macro, een libel is immers groter dan je sensor. Als we deze definitie volgen, is het maken van een macrofoto met een groothoeklens een enorme uitdaging. Wat je de laatste jaren echter ziet, is een verschuiving in het gebruik van het woord ‘macro’ van strikte vergroting naar het fotograferen van kleine details. Vaak insecten of bloemen. Misschien moeten we over detailfotografie spreken in plaats van macro, als tegenhanger van landschapsfotografie. In dit licht moet je dan ook het ‘macro-landschap’ zien.

Landschap vs. macro
Macrofotografie en landschapsfotografie zijn eigenlijk in alles elkaars tegenovergestelde. Bij een macro/detail beeld heb je een duidelijk onderwerp in een omgeving terwijl bij een landschapsbeeld de hele foto het onderwerp is. Toch is er een gebied waarop beide takken van natuurfotografie erg aan elkaar schuren. Bij landschapsfotografie werk je, zeker met groothoek, met een voorgrond om je kijker het beeld binnen te loodsen. Je ziet dat hier analogie op gaat treden met macro/detail fotografie. Immers, de voorgrond van een landschapsfoto heeft een inleidende functie maar op het moment dat deze zelf zó belangrijk wordt loopt het risico dat het onderwerp van de foto gaat worden: een macro-landschap.


Dichtbij gevoel
Wat maakt een macro-landschap zo speciaal? Het karakter van een groothoeklens zorgt ervoor dat je een extra dichtbij gevoel krijgt. Hoe fraai een macro- of telelens ook is, de foto wordt altijd afstandelijk. Je bent als kijker geen onderdeel van het beeld en hebt eigenlijk ook weinig gevoel bij de afstand tot je onderwerp. Kijk maar eens naar de volgende voorbeelden:
Let op: géén van beide foto’s is beter of mooier dan de ander. Beide hebben hun eigen karakters en gevoel. Soms wil je het ene beeld om een verhaal te vertellen, soms het andere. Of soms ook beide om het verhaal compleet te maken.
Meer diepte en omgeving
Een groothoeklens heeft een veel grotere perspectivische verkleining dan een macro of telelens of zelfs je eigen ogen. Je ziet dat elementen in de achtergrond veel kleiner zijn dan je met je eigen ogen ziet en dat ze ook veel verder weg lijken. Kijk maar naar de tweede bosanemoon die links staat. In de eerste foto lijkt hij vlak achter de voorste te staan maar in de tweede foto lijkt hij ineens een stuk verder naar achteren te staan. In het eerste beeld wordt de achtergrond gevormd door de onderkant van enkele bomen terwijl in het tweede beeld ineens een volledig bos in de achtergrond verschijnt. Wat als laatste duidelijk naar voren komt is het onderwerp, waar je in de eerste foto niet echt een gevoel hebt bij de afstand vanaf de camera heb je bij de tweede echt het gevoel dat je heel dichtbij staat (ligt).

De techniek
Laten we beginnen dat een groothoeklens niet bedoeld is als macrolens, dus zullen we moeten kijken hoe je ermee toch macro-landschap mee kunt fotograferen. Om te beginnen moet je bedenken dat een normale groothoeklens nooit zo dichtbij kan komen voor echte macro en dat dus de maximale vergroting niet bijzonder groot is. Voor hele kleine onderwerpen is deze techniek dus niet echt geschikt. Bloemen en grotere insecten kan prima maar een mier ga je nooit meer terugvinden. Het onderwerp moet er dus geschikt voor zijn.

Om je onderwerp zo goed mogelijk in beeld te brengen probeer je met je groothoeklens zo dicht mogelijk op je onderwerp te komen, soms tot op enkele cm vanaf het frontelement. Je kunt je voorstellen dat dit met insecten een hele uitdaging is. Het makkelijkste is dan ook om te beginnen met onderwerpen die niet wegvliegen zoals bloemen of paddenstoelen. Die hebben enige grootte en staan lang genoeg stil zodat jij kunt experimenteren.

Kijk vooraf wat de minimale scherpstelafstand is van je objectief. Dichterbij dan dat kom je niet. De ene lens heeft een kleinere minimale scherpstelafstand dan de ander, en is dan ook meer of minder geschikt voor macro-landschappen. De uiteindelijk haalbare vergroting is afhankelijk van zowel brandpuntsafstand (meer uitzoomen betekent kleinere vergroting) en minimale scherpstelafstand (hoe dichterbij, hoe groter de vergroting). Het voordeel van een zoomlens is dat deze over het hele bereik dezelfde minimale scherpstelafstand heeft en dus verschillende vergrotingen kan hebben. Is je onderwerp wat klein kun je altijd nog iets inzoomen.

Zie meer over deze lens hier: https://www.johanvanderwielen.nl/laowa-14mm/

Zie meer over deze lens: https://www.johanvanderwielen.nl/review-groot-groter-grootst-laowa-12mm-f2-8-zero-d-2/
Werk met kleine… of juist grote scherptediepte
Bij macrolenzen ben je erg geneigd om juist met zo’n klein mogelijke scherptediepte te werken dat je onderwerp mooi scherp is maar de achtergrond ondersteunend vaag (isolatie, scheiding van onderwerp en achtergrond). Dat kan je met macro-landschap ook doen maar dat is niet altijd het mooiste.
Soms kan een grote scherptediepte veel meer diepte geven in het beeld. Denk ook aan de landschapsfotografie waarbij ook vaak met grote scherptediepte wordt gewerkt voor meer diepte en weidsheid.
Kleine scherptediepte is erg lastig
Wat je ook zult merken is dat werken met groothoek en kleine scherptediepte soms bijzonder lastig is. Door de enorme groothoek (kleine brandpuntsafstand) en vaak relatief grote voorwerpsafstand (scherpstelafstand) blijft de scherptediepte nog best groot, ondanks gebruik van de kleinste diafragma waarde.

Om toch de scherptediepte zo klein mogelijk te krijgen om storende scherpte in de achtergrond te voorkomen, kun je de volgende tips in gedachten houden:
- Kruip echt zo dicht mogelijk op je onderwerp (hoe kleiner de afstand tot je onderwerp, hoe kleiner de scherptediepte)
- Werkt met het laagste diafragmagetal (hoe kleiner het diafragmagetal, hoe kleiner de scherptediepte)
- Zorg voor een extra grote afstand tussen je onderwerp en de achtergrond (hoe verder de achtergrond ligt, hoe onscherper deze wordt).
Speciale groothoek macro lens
Voor de echte macro-landschap liefhebbers is er een speciaal macro groothoek objectief beschikbaar. Laowa heeft de 15mm f/4.0 1:1 macro lens, waarmee je tot echt 1:1 macrofotografie kunt gaan. De 1:1 macro bereikt deze lens bij een afstand van slechts 4,7mm (!) vanaf het frontelement. In dit bereik is werken met de zonnekap niet meer mogelijk omdat je het onderwerp vaak aanraakt met de zonnekap. Je snapt dat echte 1:1 eigenlijk niet echt bruikbaar is maar dit objectief maakt wel mogelijk om nagenoeg onbeperkt dicht bij je onderwerp te komen. Wel is hij volledig handmatig, zowel in diafragmering als in scherpstelling. Dus makkelijk werken is het niet.











