Abstract beeld met twee kleuren... als je langer kijkt blijkt het een vlinder op een bloem te zijn. Gemaakt met een macro voorzetlens.

Macrofotografie zonder macrolens, deel 3: macro voorzetlenzen

 

Wat zijn voorzetlenzen?

Het woord zegt het al, het is een lens die je vóór je objectief zet. Doel is het veranderen van de brandpuntsafstand. Zo heb je speciale groothoek voorzetlenzen om een extra wijd beeld te krijgen (wordt veel gebruikt bij compact camera's) maar ook macro voorzetlenzen waarmee je ineens een stuk dichterbij je onderwerp kan komen.

De bekendste macro voorzetlens is de Canon 500D close-up lens met +2 dioptrie. Je schroeft hem als een filter op je objectief.

De bekendste macro voorzetlens is de Canon 500D close-up lens met +2 dioptrie. Je schroeft hem als een filter op je objectief.

De Canon 500D close-up lens gemonteerd. Zorg er dus voor dat je de juiste filterdiameter hebt.

De Canon 500D close-up lens gemonteerd. Zorg er dus voor dat je de juiste filterdiameter hebt.

Eén van de bekendste macro voorzetlenzen is de Canon 500D close-up lens die een extra vergroting van +2 dioptrie heeft. Deze voorzetlens wordt aangeraden voor brandpuntsafstanden vanaf 70mm, dus voor telelenzen. Daarnaast is er ook de Canon 250D close-up lens die +4 dioptrie heeft en vooral wordt gebruikt bij brandpuntsafstanden van 35mm t/m 135mm, het standaard bereik.

Daarnaast zijn er ook setjes macro voorzetlenzen te koop in verschillende filterdiameters met diverse dioptrieën, vaak +1, +2, +4 en soms nog een +10. De kwaliteit van deze setjes laat nog wel eens te wensen over, vooral de +10 is vaak volledig onbruikbaar door enorm scherpteafname aan de zijkanten. Het is aan te raden om te investeren in een goede macro voorzetlens, zeker als je ook een mooi objectief hebt waar hij opgeschroefd gaat worden. Gelukkig is het schroefdraad op het objectief universeel, de Canon close-up lenzen zijn niet alleen bijzonder goed maar dus ook inzetbaar voor andere merken. Heb je daar moeite mee? Dan schuur je het merkje er maar af.

Hoe werken macro voorzetlenzen?

Eigenlijk heel simpel. Je schroeft hem op je lens (wel even een eventuele andere filter zoals UV-filter eraf halen, nooit filters 'stacken' - op elkaar schroeven) en je kunt aan de slag. Net als bij de tussenringen zul je ook bij macro voorzetlenzen merken dat je niet alleen ineens een heel stuk dichterbij je onderwerp kan komen maar dat oneindig ook dichterbij komt: je kunt niet meer op oneindig scherpstellen. Het is dus helaas geen optie om de voorzetlens gewoon standaard te monteren. Wat je krijgt is - net als bij de tussenringen - een range waartussen je kan scherpstellen.

Telelenzen hebben vaak een minimale scherpstelafstand van 1 meter of meer. Door het gebruik van een macro voorzetlens kun je nu ineens tot wel 30cm dichtbij komen. Merk op dat het effect met een voorzetlens op een telelens dus heftiger is dan met tussenringen voor telelenzen. Dit maakt een macro voorzetlens in combinatie met een telelens interessant voor onderwerpen die de nijging hebben op het laatste moment weg te vliegen of te kruipen, zoals insecten. 30cm is voor dieren een mooie werkafstand.

Disclaimer: normaal werk ik altijd met zonnekap, zomer, winter, binnen en buiten, dag en nacht. Voor een goede indicatie van de afstand van frontlens tot onderwerp heb ik echter alle foto's van de opstellingen gemaakt zonder zonnekap... niet doen zelf! Altijd zonnekap gebruiken!

Mijn 100-400mm lens met en zonder 500D close-up lens. Deze lens heeft al een respectabel minimale scherpstelafstand van 1 meter, met voorzetlens wordt dat maar liefst 30 cm.

Mijn 100-400mm lens met en zonder 500D close-up lens. Deze lens heeft al een respectabel minimale scherpstelafstand van 1 meter, met voorzetlens wordt dat maar liefst 30 cm.

Vergroting met en zonder close-up lens.

Vergroting met en zonder close-up lens.

Kom ik nu uit op macro, volgens officiële richtlijnen is macro een 1:1 (1x) vergroting? Nee, met de combinatie van bijvoorbeeld een 100-400 op 400mm met een +2 close-up lens kom ik uit op een respectabele 1:2 vergroting. Close-up dus, nog geen macro. Desondanks is macro voor veel insecten te veel vergroot, een libel of vlinder op 1:1 macro is minder dan de helft van het dier. 1:2 is meer dan genoeg... Maar let op: dat is in dit geval met mijn combinatie van 400mm met +2 close-up lens. Andere combinaties kunnen zeker meer vergroten, dat is afhankelijk van het gebruikte objectief en het aantal dioptrieën van je macro voorzetlens.

24-105mm objectief op 105mm met 500D close-up lens: het verschil in minimale scherpstelafstand met en zonder voorzetlens.

24-105mm objectief op 105mm met 500D close-up lens: het verschil in minimale scherpstelafstand met en zonder voorzetlens.

Resultaat op 105mm met en zonder macro voorzetlens. Een duidelijke vergroting maar nog geen officiële macro.

Resultaat op 105mm met en zonder macro voorzetlens. Een duidelijke vergroting maar nog geen officiële macro.

Scherpstelling en belichting

In principe doet een macro voorzetlens niets met scherpstelling of belichting. Waar tussenringen als nadeel hebben dat ze licht 'snoepen', heb je daar met macro voorzetlenzen geen last van. De belichting blijft gelijk, je hebt geen langzamere sluitertijd. Scherpstelling blijft in principe ook behouden maar je merkt wel dat de autofocus er wel moeite mee krijgt hoe dichter je op je onderwerp kruipt. Dat heeft vooral te maken met het kleine scherpstelbereik wat je krijgt door een macro voorzetlens.

Tips voor scherpstelling

Eigenlijk heb je - in plaats van een normaal scherpstelgebied - een scherpstelrange, een gebied.

  1. Zet de lens op handmatige scherpstelling (MF).
  2. Werk met grotere diafragmawaarden. Ondanks dat de scherptediepte door de steeds kleiner wordende scherpstelafstand sneller verkleint dan jij kunt diafragmeren, zorg je er wel voor dat de kans op scherpte op de goede plek wordt vergroot.
  3. Stel scherp door de camera naar voren en achteren te bewegen zodat je het scherpstelgebiedje op de goede plek legt in het onderwerp.
  4. Wanneer je geen haast hebt (vaak niet bewegende onderwerpen) is het makkelijker om te werken met live view. Zoom dan digitaal een keer in, dan kun je heel nauwkeurig de scherpstelling op de goede plek leggen.
  5. Kom je echt dichtbij dan luistert de scherpstelling zó nauwkeurig dat je het beste met een macro focussing rail kunt werken om de camera heel secuur naar voren of achteren te bewegen.

Met een macro focussing rail kun je heel secuur de camera naar voren en achteren bewegen voor de perfecte scherpstelling bij grotere vergrotingen.

Met een macro focussing rail kun je heel secuur de camera naar voren en achteren bewegen voor de perfecte scherpstelling bij grotere vergrotingen.

Voorbeelden

Hier nog wat voorbeelden van het werken met macro voorzetlenzen.

Heidelibel op 420mm, minimale scherpstelafstand.

Heidelibel op 420mm, minimale scherpstelafstand.

Zelfde libel, nu 420mm + +2 close-up lens.

Zelfde libel, nu 420mm + +2 close-up lens.

Vuurjuffer boven de vijver, net een gevangen vliegje aan het verorberen.

Vuurjuffer boven de vijver, net een gevangen vliegje aan het verorberen.

Zelfde juffer, nu 400mm + +2 Canon 500D close-up lens.

Zelfde juffer, nu 400mm + +2 Canon 500D close-up lens.

Met wat oefenen lukt het zelfs om een zwevende zweefvlieg in de vlucht te fotograferen. 400mm + Canon 500D close-up lens.

Met wat oefenen lukt het zelfs om een zwevende zweefvlieg in de vlucht te fotograferen. 400mm + Canon 500D close-up lens.

Voor- en nadelen

Macro voorzetlenzen zijn een stuk goedkoper dan een macrolens en geven veel mogelijkheden. Toch zal de echte macrofotograaf niet zonder ook een macrolens willen. Hierbij de voor- en nadelen van het werken met macro voorzetlenzen.

Voordelen:

  • goedkope oplossing voor macro;
  • klein en dun, dus makkelijk mee te nemen (soms laat ik de macrolens thuis en neem alleen de voorzetlens mee, dan kan ik toch uit de voeten als het nodig mocht zijn);
  • te gebruiken bij alle lenzen;
  • geen lichtafval, belichting blijft gelijk;
  • te koop in verschillende vergrotingen (dioptrieën), zelfs in setjes;
  • maakt van een telelens een zeer geschikte insecten macrolens met mooie werkafstand;
  • ook te gebruiken in combinatie met een macrolens voor nóg grotere vergroting.

Nadelen:

  • vaak kom je nog niet op 1:1 macro, maar blijf je in het close-up gebied;
  • je zet extra glas voor je lens, dus kwaliteitsverlies. Duurdere macro voorzetlenzen doen het prima maar goedkope voorzetlenzen of voorzetlenzen met sterke vergroting zijn vaak kwalitatief niet goed genoeg;
  • scherpstelling lastig, je krijgt een klein scherpstelgebied;
  • je verliest je oneindig;
  • scherptediepte neemt - door de korte afstand - enorm af.

In deel 1 van deze reeks tutorial 'Macrofotografie zonder macrolens', heb ik het gebruik van groothoek- & telelens besproken. In deel 2 heb ik het gebruik van tussenringen behandeld. Bij voldoende interesse zal ik deze reeks nog verder uitbreiden naar ook het gebruik van omkeerringen om lenzen achterstevoren op elkaar te schroeven of (groothoek)lenzen achterstevoren op je camera te monteren.

 
Het enige écht spectaculaire beeld wat ik heb gemaakt op Schiermonnikoog....

Prestatiedrang en productiesyndroom

 

Alles wil niet starten...

"Pak lekker de motor!". Ik kijk verstoord op en besef mij dat ik een heel verhaal heb gemist. "Waarheen?", vraag ik dom. "Moet je niet naar Omroep Gelderland?". Oh ja, natuurlijk. Ik moet de Gelderse Natuurfotowedstrijd van BuitenGewoon, het natuurprogramma van Omroep Gelderland, jureren. Ik was het alweer vergeten. "De motor, da's een goede. Misschien wat frisse wind door mijn hoofd." "Precies daarom! Je hebt dit jaar nog niet eens gereden." Het is inderdaad prachtig weer. Vol goede moed trek ik de choke van mijn allroader open en druk op de startknop. Een poos draait de startmotor dapper rond maar helaas. Het gevreesde geluid van een steeds trager wordende startprocedure aanhorend laat ik de startknop los. De tweewieler en de vanderWieler beseffen beide hetzelfde: alles met wielen wil vandaag niet starten...

Verslaafd aan adrenaline

Toch maar in de auto draai ik alle raampjes open (zo ging dat in 1974) en laat alsnog de wind door mijn hoofd gaan. Tijdens het rijden denk ik na. Wat is er met mij aan de hand? Waar is mijn plezier in de fotografie gebleven? Waar is mijn tomeloze energie? Ik doe al weken wat ik moet doen, draai mijn opdrachten, voltooi artikelen maar mis de passie die ik zo van mezelf ken.

Wanneer heb ik dit jaar die energie wel gevoeld? Tijdens mijn avontuur op Terschelling, de stress van de maansverduistering. Dat was passie en adrenaline. En tijdens de eerste Arctic Aurora Chase; spanning, avontuur en bevroren neus. Mijn passie ligt blijkbaar in het avontuur. Kijken of het lukt, kijken of het mij lukt. Plannen smeden en ervoor gaan. Die adrenaline is de motor voor mijn passie, misschien ben ik wel verslaafd aan het avontuur.

Dit beeld was een droom en zorgde voor heel veel stress. Alle likes en lof zorgden voor een deel van de energie.

Dit beeld was een droom en zorgde voor heel veel stress. Alle likes en lof zorgden voor een deel van de energie.

Prestatiedrang

En verder? Zowel mijn bezoeken aan Ameland als Schiermonnikoog dit jaar werden gekenmerkt door grijs en grauw weer. Beide keren had ik allerlei plannen en ideeën maar het weer deed niet wat ik wilde. En meteen sta ik dan stil. Ik raak mijn camera nauwelijks aan en áls ik dan eindelijk mijzelf een schop onder mijn fotografenkont geef is het zwoegen. Op Schier dwong ik mijzelf aan de slag te gaan met een veldje vol wilde hyacinten en koekoeksbloemen maar de geest wil niet komen. Het licht doet niet wat ik wil en zelfs met flitsers wordt het resultaat niet... waanzinnig.

Terwijl ik de parkeerplaats van Omroep Gelderland opdraai besef ik mij dat ik dichter bij de kern kom. Blijkbaar vind dat ik dat ik waanzinnige beelden moet maken; altijd en overal. Dat ben ik verplicht, ik moet presteren. Als ik een week op Schier ben geweest verwacht ik van mezelf dat ik de wereld versteld kan laten staan van mijn resultaten. Daar ben ik toch fotograaf voor?

Een zeehond in de kwelder, dat maak je één keer mee. Je kunt toch ook niet verwachten dat je dat ieder bezoek kunt overtreffen?

Een zeehond in de kwelder, dat maak je één keer mee. Je kunt toch ook niet verwachten dat je dat ieder bezoek kunt overtreffen?

Jij zult wel weer waanzinnige beelden hebben gemaakt?

Pas na een paar dagen post ik de eerste foto van Schier op de social media. Voor mij een teken aan de wand. Als ik stuiterend terugkom van een reis - zoals in 2018 toen ik noorderlicht kon vastleggen op de Wadden - dan weet ik niet hoe snel ik dat met de wereld wil delen. Nu niet. En het blijkt ook meteen uit de reacties, weinig likes en replies. Ik worstel mij door series heen maar geen van de beelden haalt de denkbeeldige lat die ik - blijkbaar - vind dat de wereld van mij verlangt. Niemand zegt het tegen mij maar het is alsof Facebook met koeienletters tegen mij zijn verwachting uitschreeuwt "Jij zult wel weer waanzinnige beelden hebben gemaakt?". Ik voel dat ik faal... want nee, ik heb geen spectaculair beeld gemaakt wat het noorderlicht of de maansverduistering overtreft.

Het resultaat van heel hard zwoegen, ik ben matig content.

Het resultaat van heel hard zwoegen, ik ben matig content.

Eens een 10... dan altijd een 10!

Natuurlijk zegt mijn verstand tegen mij dat dat ook niet reëel is. Dat je als fotograaf niet ieder volgend beeld nóg beter kan maken dan het vorige. Dat je niet jezelf en je publiek elke dag opnieuw kan laten verbazen door nóg iets waanzinnigers. Waarom kan die stem in mijn hoofd dan niet worden overgehaald door mijn verstand? Als je ooit een 10 haalt voor wiskunde kun je moeilijk daarna van jezelf verwachten dat ieder volgend cijfer ook een 10 is? Oh wacht, dat deed ik dus wel, toen ook al. En zo slaagde ik met een 10 (had eigenlijk een 11 moeten zijn!) op mijn eindlijst van het VWO. Blijkbaar was ik dus toen ook al zo.

Op pad voor Natuurfotografie Magazine, haalt dit beeld mijn lat?

Op pad voor Natuurfotografie Magazine, haalt dit beeld mijn lat?

Hij start!

Weer thuis zit Sandra nog steeds heerlijk in het zonnetje te genieten van het leven in onze tuin. Dit moet ik ook gaan leren. Blij zijn met een 10 maar ook daarna weer kunnen genieten van een 7. Zonder dat ik erbij stil sta druk ik weer op de startknop van de motor en ik schrik op als de twin ronkend tot leven komt. Dan neem ik een besluit en ga gewoon een stukje rijden. Pak aan, helm wagenwijd open en na een paar kilometer is het alsof ik gisteren nog heb gereden. Met het zonnetje boven de dijkweg neem ik een tweede spontaan besluit. Ik bel een bevriende fotograaf en na een half uur zit ik bij hem (en zijn vrouw en zoon) in de tuin te genieten van verse gemberthee.

Productiesyndroom

Heel open doe ik mijn verhaal en vertel over mijn gevoel te moeten presteren. Niemand die het mij oplegt behalve ikzelf, het gevoel dat heel de wereld van mij verlangt dat ik bij iedere wedstrijd tot de winnaars behoor en ik iedere dag een foto laat zien die nóg beter is dan die van gisteren. Mijn vriend glimlacht. "Dat is het productiesyndroom.". Oh ja, is daar zelfs een woord voor? "Nee hoor, heb ik nu ter plaatse bedacht". Van letterlijk drie kanten krijg ik input op mijn gedachten en worden goede vragen gesteld. Mijn wens wordt duidelijk: mijn passie en energie volledig uit mijzelf te kunnen halen, zonder de afhankelijkheid van externe factoren als natuur, elementen, complimenten, likes, media aandacht of winst bij wedstrijden.

Een niet zo spectaculair beeld maar met mijn nieuwe inzichten en richting word ik er wel ineens heel blij van.

Een niet zo spectaculair beeld maar met mijn nieuwe inzichten en richting word ik er wel ineens heel blij van.

De beste tip komt van zijn vrouw; kort en krachtig. Dankbaar voor zoveel vriendschap en vriendelijkheid stap ik op de motor die - net als ik - nu wel meteen start. Met nieuwe energie rij ik op huis aan. Natuurlijk verander ik niet in één dag maar er is wel een last van mij afgevallen en ik weet nu welke richting ik op moet... eeeh... wil.

 
Winterakonietje en zijn 'schaduw'. Gemaakt met Vintage Meyer-Görlitz Trioplan 100mm f/2.8 lens met 20mm tussenring op f/2.8

Macrofotografie zonder macrolens, deel 2: tussenringen

 

Wat zijn tussenringen?

Het woord zegt het eigenlijk al, het zijn holle ringen die - in dit geval - tussen lens (eigenlijk objectief, maar ach, iedereen noemt het 'lens') en camera komen. Vaak komen ze in een setje van 3 losse ringen met diktes van 12mm, 20mm en 36mm. Je hebt ze in 'domme' en 'slimme' varianten. De 'domme' zijn een stuk goedkoper maar zijn niet voorzien van electronica en geven dus ook geen informatie door van lens aan camera en vice versa. Dan werken autofocus en diafragma niet meer terwijl de camera ook geen EXIF gegevens van de lens meer krijgt. De slimme varianten geven deze informatie wel door.

Setje tussenringen ( in dit geval voor Canon) van 12mm, 20mm en 36mm dikte.

Setje tussenringen ( in dit geval voor Canon) van 12mm, 20mm en 36mm dikte.

Ze zijn hol... er zit geen glas in.

Ze zijn hol... er zit geen glas in.

Verder koop je ze voor het merk van je camera en zijn ze voorzien van dezelfde koppelingen als lens en body. Je klikt ze als een lens op je camera en de lens klik je op de tussenring alsof je hem op je camera klikt.

tussenringen in diverse combinaties gemonteerd tussen body en 50mm lens.

tussenringen in diverse combinaties gemonteerd tussen body en 50mm lens.


Hoe werken tussenringen?

Wanneer je met je camera gaat scherpstellen wordt de lens op de goede scherpstelafstand (= voorwerpsafstand) gezet, je onderwerp is dan scherp. Iedere lens kan echter maar tot een bepaald punt scherpstellen, de minimale scherpstelafstand. Afhankelijk van deze afstand èn de brandpuntsafstand heeft iedere lens een maximale vergrotingsfactor (= verhouding tussen de grootte van het onderwerp in werkelijkheid en hoe groot hij op de sensor wordt afgebeeld). Zo kunnen macrolenzen zó dichtbij dat de vergrotingsfactor precies 1:1 (of 1x) is, dat heet macro. Andere lenzen kunnen helemaal niet zo veel vergroten. Zo kan de in deze tutorial gebruikte 50mm f/1.4 lens niet dichterbij dan 45cm en kan hij maar maximaal 0,15x vergroten. Nog lang geen macro dus.

Wanneer je dichterbij dan de minimale scherpstelafstand komt, kan er niet meer worden scherpgesteld. Het brandpunt ligt dan achter je sensor. Door nu de afstand tussen lens en sensor te vergroten kun je alsnog het brandpunt op de sensor laten vallen terwijl je toch veel dichterbij je onderwerp zit dan de minimale scherpstelafstand.

Schematische weergave werking tussenringen. Bron: dummies.com

Schematische weergave werking tussenringen. Bron: dummies.com

Hoe groter de afstand tussen objectief en sensor, hoe dichter je bij je onderwerp kunt komen. De brandpuntsafstand zelf verandert niet maar door de kleinere voorwerpsafstand krijg je wel een veel grotere vergroting.

Berekening vergrotingsfactor met tussenringen

Je kunt berekenen hoe groot de nieuwe vergrotingsfactor is. Maar daarvoor moet je wel de originele vergrotingsfactor van je objectief kennen. Dan geldt de volgende rekenregel:

Nieuwe Vergrotingsfactor = Vergrotingsfactor_objectief + (#mm verlenging / brandpuntsafstand)

Als ik weer mijn 50mm lens met 0,15x vergrotingsfactor als voorbeeld neem en daar een 12mm tussenring tussenzet kom ik op 0,15 + 12/50 = 0,45x. Dat betekent dat ik met alleen al de dunste tussenring ineens 3x meer vergroot tot bijna 1:2. Met de 20mm tussenring ga ik daar al overheen met een nieuwe vergroting van 0,55x. Wanneer ik de 36mm en 12mm combineer (tussen een totale verlenging van 48mm) zit ik al op 0,15 + 48/50 = 1,1x. Omdat ik nu boven de 1x terecht ben gekomen zit ik inmiddels al in het officiële macro gebied! Wanneer ik zelfs alle tussenringen monteer (12+20+36 = 68mm) kom ik met deze lens op een maximale vergroting van maar liefst 1,5x. Ik kan dus nóg meer vergroten dan met een macro lens! En dat voor een fractie van de prijs.

Aan de slag met de tussenringen

In het voorbeeld hieronder heb ik in diverse combinaties tussenringen tussen mijn 50mm en camera gemonteerd. Om goed te laten zien wat het verschil is in voorwerpsafstand (of scherpstelafstand) heb ik van afstand mijn camera en onderwerp gefotografeerd met telkens dezelfde compositie. De eerste twee foto's zijn de 50mm lens op de minimale scherpstelafstand en - ter vergelijking - een 150mm macro lens. Je ziet meteen waarom deze veel meer kan vergroten: de minimale scherpstelafstand is veel kleiner en tegelijk de brandpuntsafstand veel groter (150mm vs 50mm).

Verschil in scherpstelafstand bij verschillende tussenringen tussen camera en 50mm lens.

Verschil in scherpstelafstand bij verschillende tussenringen tussen camera en 50mm lens.

Je ziet ook meteen hoe dicht je op je onderwerp zit wanneer je veel tussenringen monteert, tot wel een paar cm. van je onderwerp!

Hieronder de bijbehorende foto's om te laten zien hoe ver je kunt gaan met vergroten. In alle gevallen staat de scherpstelling op handmatig (manual focus), op de minimale scherpstelafstand en zijn de instellingen van de foto gelijkgehouden via stand M.

Gele lis gefotografeerd met 50mm lens en verschillende combinaties tussenringen.

Gele lis gefotografeerd met 50mm lens en verschillende combinaties tussenringen.

Wat opvalt is vooral het enorme verschil tussen wel en geen tussenring. Verder zag je dat je per grotere verlenging dichterbij je onderwerp komt en daarmee ook steeds meer vergroot. De eerste foto is zonder tussenring met de max 0,15x vegroting terwijl de laatste foto maar liefst 1,5x vergroot.

Scherpstelling en belichting

Slimme tussenringen geven alle informatie door, ook autofocus. Toch zul je merken dat deze er al heel snel moeite mee krijgt. Dat heeft met twee zaken te maken:

  1. Tussenringen halen niet alleen de minimale scherpstelafstand dichterbij, ook de maximale. Kun je met de 50mm lens normaal tussen 45cm en oneindig scherpstellen, bij gebruik van tussenringen komt langzaam de oneindig in de buurt van de minimale scherpstelafstand en heb je misschien nog maar een range van 1cm met de hele scherpstelring uitslag ipv. 45cm tot oneindig. Autofocus snapt dit niet meer.
  2. Door de steeds groter wordende afstand tussen lens en body krijg je last van lichtafval. Kijk maar in het laatste beeld, deze is een stuk donkerder dan het eerste beeld, terwijl de instellingen gelijk zijn. Minder licht betekent ook een minder goed werkende autofocus.

Tips scherpstelling:

Eigenlijk heb je, in plaats van een scherpstelgebied normaal, bijna alleen nog maar één scherpstelpunt (of een minimaal gebiedje).

  1. Zet de lens op handmatige scherpstelling (MF);
  2. Werk met grotere diafragmawaarden. Ondanks dat de scherptediepte door de steeds kleiner wordende scherpstelafstand sneller verkleind dan jij kunt diafragmeren zorg je er wel voor dat de kans op scherpte op de goede plek wordt vergroot;
  1. Gewerkt met f/16 (!) en toch is de scherptediepte bij gebruik van 3 tussenringen nog steeds bijzonder klein.

    Gewerkt met f/16 (!) en toch is de scherptediepte bij gebruik van 3 tussenringen nog steeds bijzonder klein.

    Stel scherp door de camera naar voren en achteren te bewegen zodat je het scherpstelgebiedje op de goede plek legt in het onderwerp;

  2. Omdat het ook vrij donker zal worden kun je makkelijker werken met lifeview. Zoom dan digitaal een keer in, dan kun je heel nauwkeurig de scherpstelling op de goede plek leggen;
  3. Kom je echt aan de grootste vergrotingen toe dan luister de scherpstelling zó nauwkeurig dat je het beste met een macro focussing rail kunt werken om de camera heel secuur naar voren of achteren te bewegen;

Met een macro focussing rail kun je heel secuur de camera naar voren en achteren bewegen voor de perfecte scherpstelling bij grotere vergrotingen.

Met een macro focussing rail kun je heel secuur de camera naar voren en achteren bewegen voor de perfecte scherpstelling bij grotere vergrotingen.


Tips belichting:

Als gezegd verlies je licht bij grotere verlengingen (meer tussenringen). Zorg er dan ook voor dat je de belichting aanpast door bijv. langere sluitertijd (risico op beweging, zeker bij een beetje wind) of hogere ISO.

Bij gebruik van 68mm verlenging (3 tussenringen) verlies je maar liefst 2 volle stops aan licht (factor 4)!

Bij gebruik van 68mm verlenging (3 tussenringen) verlies je maar liefst 2 volle stops aan licht (factor 4)!


Tussenringen op andere lenzen

Veelal worden tussenringen gebruikt met lenzen in het standaardbereik van 28mm t/m 100mm. Zoals je ziet kun je met een 50mm lens (welke vaak niet zo duur is) al vergrotingen halen t0t 1,5x en met een 100mm macro lens al 1,7x. Het effect op een 50mm lens is zelfs groter (relatief gezien, van 0,15x tot 1,5x) dan op een 100mm macro lens. Sterker nog, met een 150mm macro lens kun je zelfs minder ver komen ( 1 + 68/150 = 1,45x). Laten we echter ook nog eens kijken wat het effect is op groothoek en telelenzen.

Tussenringen op groothoek

Ter voorbeeld, mijn 16-35 lens heeft een maximale vergroting van 0,25x (op 35mm) bij een minimale scherpstelafstand van 28cm. Ik zit met deze lens al een stuk dichterbij dan met de 50mm lens (nog buiten het feit dat hij ook al een stuk groter is). Ik besef met dat 35mm geen groothoek is maar de lens zelf valt wel onder de groothoeklenzen met bijbehorende karakteristieken: kleine minimale scherpstelafstand.

16-35 lens met verschillende combinaties van tussenringen.

16-35 lens met verschillende combinaties van tussenringen.

Bij gebruik van de 36mm tussenring kom ik op een maximale vergroting van 0,25 + 36/35 = 1,27x, al ver in het macrogebied. Je ziet echter hoe dicht ik met mijn frontlens op het bloemetje zit. Meer verlenging was dan ook niet mogelijk, dan zat het onderwerp tegen mijn lens aan. Je ziet dat bij groothoek de vergroting nog veel heftiger is dan bij 50mm maar ik zit er nóg veel dichter op. Voor bewegende onderwerpen die weg kunnen lopen of vliegen is het niet echt een optie.

Verschillende resultaten van de 16-35 lens met tussenringen.

Verschillende resultaten van de 16-35 lens met tussenringen.


Tussenringen met telelenzen

Anders dan groothoeklenzen, die als kenmerk vaak een kleine minimale scherpstelafstand hebben, zie je bij veel telelenzen juist enorm grote minimale scherpstelafstanden. Zo heeft mijn 70-200 een maximale vergroting van 0,21x (op 200mm) bij een minimale scherpstelafstand van 1,2m. Je kunt snel uitrekenen dat het gebruik van tussenringen, zelfs al neem je ze alledrie, niet heel veel toegevoegde waarde heeft: 0,21 + 68/200 = 0,55x. Je kan 2x meer vergroten maar je komt nog lang niet op macro (1x) uit. Wanneer je een telelens hebt zie wel wat dichterbij kan komen en wat verder in kan zoomen dan lijkt het effect aantrekkelijker. Zo heeft mijn 100-400 ene maximale vergroting van 0,31 (bij 400mm) op een min. scherpstelafstand van 1m. Hij kan dus verder inzoomen èn tegelijk dichterbij dan de 70-200. Met 3 tussenringen kom je dan op 0,31 + 68/400 = 0,48x. Ondanks dat de originele vergroting groter is dan van de 70-200 en hij verder in kan zoomen is het effect van tussenringen minder groot.

Wat wel opvalt is dat beide lenzen een vaste minimale scherpstelafstand hebben over het hele zoombereik. Echter, met drie tussenringen kun je helemaal uitgezoomd ineens wel veel dichterbij komen dan helemaal ingezoomd. Zelfs zó veel verder dichterbij dat de vergroting uitgezoomd alsnog groter is dan ingezoomd, puur door de kleinere scherpstelafstand. Echter, dan zit je al snel op een afstand dat je lieverv werkt met een 50mm dan met een knots van een tele.

Het effect van drie tussenringen op een 100-400 telelens.

Het effect van drie tussenringen op een 100-400 telelens.

Het verschil met en zonder tussenringen valt op zich nog wel tegen, 0,31x vs 0,48x vergroting.

Het verschil met en zonder tussenringen valt op zich nog wel tegen, 0,31x vs 0,48x vergroting.


Voorbeelden

Tijdens de sessie met de gele lis kroop er ineens een kevertje over de blaadjes. Wel erg lastig met 50mm en 3 tussenringen.

Tijdens de sessie met de gele lis kroop er ineens een kevertje over de blaadjes. Wel erg lastig met 50mm en 3 tussenringen.

Als er een juffer op je arm gaat zitten heb je een nieuwe scherpstelling: je arm van voor naar achteren tot de juffer scherp is. 50mm en 36mm tussenring.

Als er een juffer op je arm gaat zitten heb je een nieuwe scherpstelling: je arm van voor naar achteren tot de juffer scherp is. 50mm en 36mm tussenring.


Voor- en nadelen

Tussenringen zijn een stuk goedkoper dan een macro lens en geven veel mogelijkheden. Toch zal de echte macro fotograaf niet zonder ook een macrolens willen. Hierbij de voor- en nadelen van het werken met tussenringen

Voordelen:

  • Goedkope oplossing voor macro, zelfs de slimmer varianten;
  • Licht en makkelijk extra mee te nemen;
  • Te gebruiken bij alle lenzen;
  • Geen glas en dus in essentie geen kwaliteitsverlies van je beeld;
  • In combinatie met je 50mm lens kun je tot zelfs 1,5x vergroting komen;
  • te gebruiken in combinatie en dus verschillende vergrotingen mogelijk;

Nadelen:

  • Veel lichtverlies, tot wel 2 stops;
  • Scherpstelling lastig bij grote vergrotingen, autofocus doet geen dienst meer;
  • Je verliest je oneindig;
  • Risico op vignettering bij grotere verlengingen;
  • Je komt héél dicht op je onderwerp, niet echt geschikt voor insecten of andere weglopende dieren;
  • Door de korte afstand krijg je, zelfs bij grote diafragmawaarden, een zeer kleine scherptediepte;
  • Effect bij groothoeklenzen al snel te veel, je onderwerp komt a.h.w. in je lens te zitten;
  • Effect bij telelenzen maar matig;

In deel 1 van deze reeks tutorial 'Macrofotografie zonder macrolens', heb ik het gebruik van groothoek- & telelens besproken. In deel 3 heb ik het gebruik van voorzetlenzen behandeld. Bij voldoende interesse zal ik deze reeks nog verder uitbreiden naar ook het gebruik van omkeerringen om lenzen achterstevoren op elkaar te schroeven of (groothoek)lenzen achterstevoren op je camera te monteren.