Middernachtszon in Noord Noorwegen... de Trollen onder Noordkaap in Hallelujah licht.

F#ck dat eeuwige Hallelujah licht!

Jij was niet op pad hè vanmorgen…

Kijk ik ’s morgens tijdens mijn eerste toiletbezoek op de tijdlijn van Facebook of Insta dan schieten de bedauwde libellen, ochtendkleurtjes en grondmistjes langs. Liefst nog vergezeld van opmerkingen als “was vanmorgen weer prachtig, als je niet buiten was heb je wat gemist.” Ken je dat? Frustrerend hè? Want nee, jij was niet buiten. En volgens de social media heb je dus dé kans op een prachtige foto laten schieten. Zonde man/vrouw/genderneutraal*, gemiste kans! Met een teleurgestelde kop grijp je naar je eerste kop koffie en spreekt met jezelf af “morgenochtend ga ik ook op pad!!”…. om jezelf de volgende morgen weer op het toilet terug te vinden omdat je 1) niet uit bed kon komen en/of 2) dácht dat het toch niet mooi zou worden en jezelf weer te kastijden met een facebook tijdlijn vol met gouden foto’s.

Heb jij gemist hè? Je was niet zo vroeg op hè? Zonde... was misschien we de mooiste dag van dit jaar!

Heb jij gemist hè? Je was niet zo vroeg op hè? Zonde… was misschien we de mooiste dag van dit jaar!

Mooie foto = gouden licht

Toch? Niet alleen de social media doen ons dat geloven maar vooral ook de landschapsfotografen van overzee (lees: USA) gaan alleen maar op pad tijdens the golden hour. Geen foto zonder roze gekleurde lucht, van achteren aangeschenen oranje bergtop, gouden tegenlicht op bloemen en vogels of (in Nederland) blauw licht bij de molentjes van Zaanse schans. Dus amateur… als je niet ver vóór zonsopkomst in het veld staat of niet na zonsondergang je landschappen schiet, wordt je niet serieus genomen! Een mooie foto kan alleen door mooi licht.

Bergen, sneeuw, zee, blauwe uurtje en een roze wolk... likes gegarandeerd!

Bergen, sneeuw, zee, blauwe uurtje en een roze wolk… likes gegarandeerd!

Natuurlijk kun je de Amerikaanse truc toepassen om, als je toch geen zin had op hèt moment op pad te gaan, gewoon een lucht van een andere beeld in je foto te shoppen. Aan de andere kant van de oceaan is dat ook geoorloofd, dus waarom niet? Inmiddels zie je deze manier van ‘fotografie’ overwaaien met foto’s van herten in perfecte reflectie in een vaart in het bos met mistig tegenlicht. Lukt perfectie niet in het veld dan maar op de computer. Uiteindelijk heb jij het toch gemaakt?

Fotografie heeft dus weinig met jou creativiteit te maken…

Als ik bovenstaande relaas doortrek komt het daar komt het dus op neer. Immers, je moet op pad onder perfecte omstandigheden maar… die zijn niet jouw verdienste! Gouden licht komt niet door jou, dat is er. Jouw verdienste is dat je zo brak als een garnaal de moed hebt gevonden voor dag en dauw je bed te verlaten en jezelf naar het veld hebt weten te slepen. Daar ga je aan de slag met het mooi licht, logisch. Maar als je, net als ik, met enige regelmaat je tijdlijn op insta doorscrollt zul je ook zien dat de meeste foto’s met ‘mooi licht’ enorm op elkaar lijken. Landschapsbeelden bijvoorbeeld zijn vaak over-perfect en hebben grotendeels dezelfde uitstraling. Juist omdat het licht zo mooi is, is het zonde daar niets mee te doen en dus worden veel foto’s niet meer dan aftreksels van beelden die al gemaakt zijn (al dan niet door jezelf). Weer dat zonnetje als een sterretje, weer die roze wolken boven het land, weer die gekleurde wolken reflecterend in het water en weer dat gouden randje langs een vogel of bloem. En als je nóg vroeger bent (of nog langer blijft) maak je nog de bekende silhouetten tegen een mooie gekleurde lucht, denk aan de edelherten op de Veluwe. Goed voor likes … maar uniek?

Als je de plek weet (Reemsterveld, NP hoge Veluwe.. volg de meute) dan is dit een beeld wat iedereen daar maakt. Op de chinook na misschien...

Als je de plek weet (Reemsterveld, NP hoge Veluwe.. volg de meute) dan is dit een beeld wat iedereen daar maakt. Op de chinook na misschien…

Hand in eigen boezem

Ik hoor het geratel van boze toetsenborden in gedachten al, een hele serie van jij-bakken kan ik zo zelf ook wel bedenken: “jij doet exact hetzelfde!”, “als jij naar de Wadden gaat ga je ook op pad met zonsopkomst!”, “jij houdt ook van bedauwde kievitsbloemen in ochtendlicht.” etc. etc. etc. En ja, je hebt gelijk, ik maak ze ook en heb er zeker duizenden op mijn computer staan. Maar de wijze woorden van Hans Strand beginnen aan mij te knagen. Hoewel ik – en daar komt mij grootste bekentenis – die foto’s met dat prachtige licht ook erg mooi vind, begin ik mij steeds meer te beseffen dat het licht niet mijn verdienste is maar ik slechts iets vastleg wat de natuur mij geeft. Dat iemand mijn foto dan liket is leuk voor mijn eigenwaarde maar eigenlijk liket hij de natuur. Ik merk steeds meer dat ik meer wil, mijn fotografie moet niet afhankelijk zijn van mooie omstandigheden of mooi gevonden worden door de omstandigheden. Ik wil mooie foto’s maken, geen foto’s van mooie momenten.

Jaja kom maar op met de jij-bakken... ik maak ze zelf ook die foto's met gouden tegenlicht.

Jaja kom maar op met de jij-bakken… ik maak ze zelf ook die foto’s met gouden tegenlicht.

Eindelijk: hallelujah licht werkte niet

Begin juni was ik samen met mijn fotomaatje samen een week op stap naar het hoge noorden, zowel voor onszelf als ter voorbereiding van een heel nieuwe reis in de provincie Finnmark in noord Noorwegen. Thema the Arctic Awakens over het einde van de winter en begin van de lente. Laatste sneeuw vlakten met rendieren, eerste bloemen en planten, middernachtszon, nestelende vogels en adembenemende spectaculaire landschappen. Omdat het rond die tijd 24/7 zonlicht is, is de verleiding groot om juist ’s nachts op pad te gaan. Immers, van 21:00 tot 3:00 staat de zon laag met goudgeel licht. In Nederland hebben we een gouden uurtje van ca. 30 minuten, hier heb je dat licht gedurende 6 uur lang! En dus hadden we het volgende ritme: opstaan rond 11:00, rijden langs allerlei plekken tot ca. 20:00, hapje eten van de brander en van 21:00 tot 3:00 op een vooraf bepaalde locatie fotograferen. Rond 4:00 lagen we in bed.

We hadden onze rondrit door Finnmark gepland op basis van de weersverwachtingen. Op bepaalde plekken wilde ik graag de middernachtszon vastleggen. Hoe spectaculair dat je om 00:00 uur tegen een goudgeel zonnetje aankijkt. Toch, van de foto zie dat niet af. Een laagstaande zon is een laagstaande zon. Aan de foto zie je niet af dat het 00:00 uur is. Het licht is prachtig goudgeel… ik voel de likes al komen!!

Terwijl één camera aan het timelapsen is, rijden wij naar een plek op Varanger die we 2 jaar geleden al met onze gezinnen hadden bezocht. Toen in keihard zonlicht midden op de dag, niet in het prachtige gouden licht van nu. Ik verheug mij nu al. Deze plek, met huizenhoge schuine rotsformaties, staat nergens aangegeven op de kaart en de parkeerplaats rij je ook zo voorbij. Geen bordje, geen wandelpad maar gewoon cross country. Zelfs van afstand die je de potentie niet. Je moet het weten. Tijdens de wandeling verheug ik mij er nu al op dat ik de foto’s van 2 jaar geleden glansrijk ga verbeteren, nu is het licht pas ècht mooi!

Imposante rotsformaties op Varanger in gouden nachtlicht. Maar waar zijn de kleuren?

Imposante rotsformaties op Varanger in gouden nachtlicht. Maar waar zijn de kleuren?

Wat schetst mijn verbazing. De intense kleurschakeringen die deze rotsen zo markant maken – geel, rood en blauw – vallen volledig weg in het malle Hallelujah licht. Ik zie er niets van! Mijn foto’s zijn gewoon flauw, saai warm rood. Teleurgesteld ga ik niet verder maar pak mijn telefoon op zoek naar de foto’s van twee jaar geleden tijdens het harde daglicht.

Zelfde locatie maar nu tijdens keihard daglicht... nu komen de gekleurde rotsen wel uit.

Zelfde locatie maar nu tijdens keihard daglicht… nu komen de gekleurde rotsen wel uit.

Sta je daar na op hèt Hallelujah-uur op één van de mooiste plekken van Varanger… verlang je naar keihard daglicht.

Pas in de schaduw (en met een té koele witbalans) vind ik de kleuren waar ik voor kom...

Pas in de schaduw (en met een té koele witbalans) vind ik de kleuren waar ik voor kom…

Geinig detail, de ballen (visnetdrijvers) die onze kinderen twee jaar geleden hadden verzameld, lagen er nog net zo!

Geinig detail, de ballen (visnetdrijvers) die onze kinderen twee jaar geleden hadden verzameld, lagen er nog net zo!

Dus?

Ja, dat is de grote vraag. Met het inzicht uit Varanger ging ik weer naar huis. Ik had aan levende lijve ondervonden dat Hallelujah licht niet werkte, de woorden van Hans in mijn hoofd herinnerend. Ik had een onderwerp gevonden wat juist bij minder goud licht veel mooier uitkomt. Het zette mij wel aan het denken. Het licht is niet mijn verdienste, net zo min als dauw of grondmist. Dat zijn allemaal externe factoren die ik wel of niet in beeld kan brengen afhankelijk van mijn zin om vroeg uit bed te komen. Wil ik likes? Dan moet ik vroeg op en moet ik die beelden maken die zo velen al maken; een makkelijk onderwerp met mooi licht zijn voldoende. Veldje bloemen met op de achtergrond een door het laatste licht aangeschenen berg (in zware HDR geschoten anders lukt het niet), gouden avondlicht met je partner die de ondergaande zon in haar handen houdt idem. Nachtfoto’s met jezelf klein in beeld met je hoofdlampje de sterren beschijnen. Je eigen voeten aan de rand van een ravijn. Bedauwde libellen in het roze licht van het blauwe uurtje. Ga zo maar door.

Ach, f#ck dat eeuwige Hallelujah licht, daarvoor ben ik geen fotograaf voor geworden. Ik wil mijn eigen weg kunnen gaan, ook zonder mooi licht.

Nog een beeld wat totaal niet overkwam met Hallelujah licht... de hoogvlakte van Varanger.

Nog een beeld wat totaal niet overkwam met Hallelujah licht… de hoogvlakte van Varanger.

Ik besef mij dat ik de boel weer eens harder aanzet dan strikt noodzakelijk. Natuurlijk ga ik op lange tenen staan. Maar denk er gewoon eens over na.

  • Maak jij mooie foto’s? Of foto’s van mooie omstandigheden / onderwerpen?
  • Maak jij je eigen foto’s of laat je je (te veel) inspireren door wat je op de social media ziet?
  • Like jij een foto wegens de kunde van de fotograaf of om de mooie omstandigheden?
  • Laat jij je opnaaien door andere fotografen over hoe mooi het was of gaat worden?
  • Fotografeer je alleen met ‘mooi’ licht omdat dat blijkbaar bij natuurfotografie hoort?

Durf gewoon eens wat anders…En dus heb ik voor mezelf het motto bedacht “krijgt een foto weinig likes… dan ben ik blijkbaar op de goede weg.”  Wil je veel likes, schiet dan de zoveelste Ikea-(tuin)poster….

Mocht je nou de ultieme jij-bak willen maken… lees dan mijn Guilty pleasures, laat daar de zonsopkomst nou één van zijn 😉 Niets zo wispelturig als een natuurfotograaf….

Nationaal Park Wieden-Weerribben: water, Hollandse wolkenlucht, fluisterbootje... en de Sigma 28mm f/1.4 ART

Sigma 28mm f/1.4 DG HSM Art

28mm?

Ik denk dat menig natuurfotograaf zich deze vraag zal stellen. Waar gebruik je een 28 mm voor? Vroeger – toen de camerasensoren nog goedkoop waren, oprolbaar, verwisselbaar en maar 36 x te gebruiken waren – was 28 mm eigenlijk dé groothoek standaard. Nu zijn we gewend aan veel grotere beeldhoeken. Menig landschapsfotograaf schiet op 16 mm (of 10 mm voor de APS-C camera’s) tot zelfs 12 mm maar vroeger was zelfs een 24 mm al uitzonderlijk. In de tijd zonder zoomlenzen had je een soort vaste range: 24 mm, 28 mm, 35 mm, 50 mm, 80 mm, 105 mm, 135 mm en 200 mm. Hiermee had je het hele scala aan bereiken afgedekt. De 24 mm was echter vaak erg duur en kwam ook pas later. Zelfs in de digitale fotografie begon met nog met 28-75 of 28-70 lenzen die nog afkomstig waren uit het analoge tijdperk. Pas later werd alles 24-70.

Varen in de Weerribben, ondanks dat het een langzame fluisterboot is, moet je toch nog snel zijn met het bepalen van je compositie.

Varen in de Weerribben, ondanks dat het een langzame fluisterboot is, moet je toch nog snel zijn met het bepalen van je compositie.

Scheelt dat nou veel, 24 mm vs 28 mm? 4 mm lijkt niet veel maar je moet het procentueel zien. 4 mm extra is maar liefst 15% extra beeld. In vergelijking met een 35 mm heb je echter maar liefst 25% extra beeld. Dus ondanks dat er 24 mm lenzen kwamen bleef de 28 mm lens een belangrijke tussenschakel naar de 35 mm. Niet voor niets dat op iedere lens in dit bereik de waarden 24, 28, 50 nog steeds staan aangegeven. Fotografen die alleen met vaste brandpunt lenzen werken zullen ook het liefst tussen hun 24 mm en 35 mm een 28 mm willen hebben omdat de overgang anders té groot is. Laat Sigma in zijn ART serie daar nu volledig in voorzien. In de f/1.4 lijn heeft Sigma de volgende lenzen ontwikkeld: 20, 24, 28, 35, 40 en 50 mm.

Gele plomp in de Weerribben, net het moment dat de zon doorkomt zodat je kunt spelen met belichting.

Gele plomp in de Weerribben, net het moment dat de zon doorkomt zodat je kunt spelen met belichting.

Ik geef grif toe dat ikzelf echter 28 mm niet heel veel gebruik in mijn landschapsfotografie. Vaak werk ik met een 16-35 of 24-105, beide hebben 28 wel degelijk in het bereik liggen. Toch zie ik het niet veel terug in Lightroom. Voor mij zijn deze twee weken dan ook dubbel: ik mag op stap met een Sigma ART lens èn ik mag ontdekken of 28 mm wat voor mij is.

Solide ontwerp en bouw

Meteen al bij het uitpakken merk ik dat de ART serie niet alleen over de beeldkwaliteit gaat. Wat een degelijk en tegelijk stijlvolle lens is dit. Alle voelt solide en soepel. Wat specificaties betreft mag je deze lens ook best indrukwekkend noemen: 9 diafragmabladen en 17 lenzen in 12 groepen (voor de kenners: twee FLD en drie SLD elementen en drie asferische elementen, super multi-layer coating). Verder is de lens stof- en spatwaterdicht, voorzien van zeer snelle hyper sonic AF motor (HSM) en compatibel met Sigma USB Dock voor het updaten van firmware. Wat bouw betreft is de lens bijna 11cm lang en heeft een doorsnede van bijna 83mm. Hij heeft een filterdiameter van 77mm waarmee je gewoon je filters en standaard filterhouders kunt gebruiken. De zonnekap is gemaakt van stevig kunststof en wordt met een knopje gelocked sodat hij er niet spontaan af kan draaien. Wel trekt het rubber an de onderkant van de zonnekap snel stof en vuil aan. Al mijn vingerafdrukken staan er nu op… niet echt AVG proof.

De Sigma 28mm f/1.4 ART is geen kleine lens maar zeer degelijk gebouwd.

De Sigma 28mm f/1.4 ART is geen kleine lens maar zeer degelijk gebouwd.

De lens heeft een stevige en degelijke behuizing en weegt maar liefst 865 gram. Dat gewicht komt natuurlijk mede door de indrukwekkende grote lichtsterkte van maar liefst f/1.4. Dat is 4x meer licht dan een op zich al behoorlijke lichtsterkte van f/2.8. Het maximum van de diafragma range is f/16. Bij Sigma hebben ze vast gedacht, boven de f/16 gebruikt niemand meer…

Natuurlijk is deze lens geen macro lens en met zijn minimale scherpstelafstand van een bescheiden 28cm kun een maximale vergroting bereiken van 1: 5.4 ofwel 0,19x. Ook is het afleesscherm voorzien van een scherptediepte verdeling hoewel alleen met f/8 en f/16, dat had voor mij met nog wel meer waarden gemogen. De korte scherpstelslag is fijn als je snel op handmatige scherpstelling je focus wilt vinden maar als je heel precies (bijvoorbeeld op f/1.4) je focus wilt bepalen is schiet je er al snel doorheen. Een iets langere slag had voor mij gemogen, dan was er ook meer ruimte voor scherptediepte verdelingen bij ook lagere diafragmawaarden.

Het afleesscherm is prachtig afgewerkt maar ik ben blij dat ik in meters werk want de feet is slecht afleesbaar (niet alleen door de schaduw).

Het afleesscherm is prachtig afgewerkt maar ik ben blij dat ik in meters werk want de feet is slecht afleesbaar (niet alleen door de schaduw).

Zelfs de AF/MF schakelaar is prachtig afgewerkt.

Zelfs de AF/MF schakelaar is prachtig afgewerkt.

De Weerribben

Tja, een lens vasthouden en bewonderen is natuurlijk leuk voor lenzen verzamelaars maar ik ben fotograaf. Hoe mooi en solide een lens ook is, hij is uiteindelijk bedoeld om op de camera aan het werk te zijn. En dus gaan we meteen de praktijk in. Naderhand kunnen we wel alle saaie labtesten doen, eerst een gevoel krijgen. Toevallig moet ik deze week twee maal naar Nationaal Park Wieden-Weerribben en hoewel ik tijdens ‘werk’ het liefste werk met vertrouwd materiaal neem ik de gok en laat mijn gewone groothoek thuis. De enige manier om te kijken of 28 mm wat voor mij is, is mijzelf te dwingen er alles mee te doen.

Als je de eerste bent in de vaart ligt het water zo mooi stil dat je wel aan de slag moet met reflecties.

Als je de eerste bent in de vaart ligt het water zo mooi stil dat je wel aan de slag moet met reflecties.

Als landschapslens merk ik dat ik vaak te veel heb (of te kort kom) aan 28 mm. Ik ben een echte 16 mm shooter en dan is 28 mm wel enorm wennen. Reflecties passen er niet helemaal op of ik mis delen van wolkenluchten. Nu hebben we sowieso wel wat pech want het weer is grauw en grijs. Gelukkig moet ik deze week nog een keer hiernaartoe, hopelijk dan beter weer. En juist omdat het nu grauw is besluiten we de fluisterboot aan te leggen bij een hooilandje. Deze landjes, tussen de rietvelden, werden lang door boeren gebruikt om hun koeien op te laten grazen. Omdat het geen echt land is maar oud rietland, zie je hier een unieke veen flora met allerlei insecten. De sloten tussen de hooi- en rietlandjes in groeien langzaam dicht met de beschermde krabbescheer.

Het dichtgroeien van een sloot met krabbescheer. Gebruik gemaakt van een polarisatiefilter.

Het dichtgroeien van een sloot met krabbescheer. Gebruik gemaakt van een polarisatiefilter.

Meteen kan ik de polarisatiefilter testen. Fijn dat ik hier niet te maken heb met extravagante filtermaten of zelfs bolle frontelementen, gewoon een 77 mm filter. Ook heel prettig is dat ik niet te maken heb met een zeer vervelende polarisatievlek omdat de beeldhoek zoveel groter is dan het polarisatie-effect. Daardoor kan ik goed het verlandingsproces door de krabbescheer in beeld brengen. Wel is het even pielen want de zonnekap sluit zó nauw dat je wel ribbels op de voorkant van de polarisatiefilter moet hebben om hem te kunnen draaien. Heb je dat niet, dan moet je de zonnekap er (tijdelijk) even afhalen.

f/1.4 en bokeh

De lens heeft een fenomenale lichtsterkte van f/1.4. Dat heeft diverse voordelen en mogelijkheden. Zo is het beeld, als je door de zoeker kijkt, enorm helder. Immers, je kijkt door een enorm grote opening, je krijgt maar liefst 4x meer licht binnen dan met een f/2.8 lens. Daarnaast is ook de autofocus snel, hoe meer licht, hoe makkelijker het is om lokaal contrast te vinden en hoe sneller de AF. Maar voor mij misschien nog wel het belangrijkste is de unieke scherptediepte mogelijkheden. f/1.4 betekent een enorm kleine scherptediepte, zelfs als je op redelijke afstand zit van je onderwerp en ondanks de groothoek. Heb ik een lens met f/1.4 in handen dan wil ik gebruik maken van de onscherpte. Kan ik meteen zien hoe mooi (of lelijk) de onscherpte is van deze lens. Want een kleine scherptediepte met lelijke onscherpte heb je nog niets aan.

In een kale jonker (een distel) zit een libel (oeps… geen idee welke, iemand?) te wachten tot de zon even door wil komen zodat hij voldoende op kan warmen om te gaan vliegen. Hij (of zij) laat mij dichtbij genoeg komen om de macro capaciteiten van de 28 mm uit te proberen. Bewapend met een flitser voor een dramatische belichting ga ik aan de slag.

Libel geschoten op minimale scherpstelafstand en f/1.4 (en flits).

Libel geschoten op minimale scherpstelafstand en f/1.4 (en flits).

Wat meteen opvalt is dat de libel echt gestoken scherp is, zelfs op f/1.4 is de scherpte (althans wat ik in het veld kan zien) fantastisch. Maar minstens zo mooi is de onscherpte, de vorm en kleur van de onscherpe distel in de achtergrond zijn prachtig. In de tuin speel ik hiermee verder, onder gecontroleerde omstandigheden ga ik aan de slag met de verschillende diafragma waarden en het effect op scherptediepte en onscherpte.

f/1.4 is echt geweldig om mee te werken, ondanks de nog relatief grote afstand tot de bloem wordt ed achtergrond heerlijk dromerig.

f/1.4 is echt geweldig om mee te werken, ondanks de nog relatief grote afstand tot de bloem wordt ed achtergrond heerlijk dromerig.

Scherptediepte, onscherpte en bokeh bij verschillende diafragmawaarden.

Scherptediepte, onscherpte en bokehringen bij verschillende diafragmawaarden.

In het veld had ik de dromerige en erg mooie onscherpte al gezien maar in de tuin valt mij tevens ook nog de fraaie bokeh in de lichtpuntjes op. De cirkels in de achtergrond en zijn rond en geven het geheel het speels effect wat veel fotografen zoeken in de onscherpte. bij f/16 is nog niet de hele boom (en de gekleurde slingers van mijn dochters feestje) scherp. Omdat ik hier op relatief korte afstand van de bloem zit heb ik dichtbij scherpgesteld. Je kunt berekenen dat het scherptevlak, zelfs bij f/16 nog niet eens veel verder ligt. Iets verder kunnen diafragmeren zou alsnog wel fijn zijn geweest wil je toch iets meer scherpte in de achtergrond hebben.

Autofocus

Ik hoor je al denken, autofocus van belang bij groothoek? Nee, voor mij persoonlijk niet echt. Zeker als ik met landschappen bezig ben werk ik grotendeels op handmatige scherpstelling maar toch is het interessant om te zien hoe de AF van deze lens het ervan brengt. Immers, met een f/1.4 en tegelijk super snelle AF (HSM) zijn de verwachtingen hooggespannen.

Een draaiend molentje in de Weerribben: combinatie van langsvaren in een boot, f/16 en 1,2ND filter voor langzame sluitertijd en kijken wat de AF nog doet.

Een draaiend molentje in de Weerribben: combinatie van langsvaren in een boot, f/16 en 1,2ND filter voor langzame sluitertijd en kijken wat de AF nog doet.

Overal in Nederland proberen we het water van het land te krijgen om niet onder te lopen. Alleen in de Wieden en Weerribben zijn er molentjes om het water uit de sloot op de rietlanden te pompen. Riet groeit op riet en uiteindelijk komen de wortels niet diep genoeg meer voor het water… Wat is dan leuker dan een draaiende molentje met lange sluitertijd. Terwijl de fluisterboot gewoon doorvaart ga ik aan de slag met f/16 en een 1,2 ND filter (4 stops grijsfilter) en continue scherpstelling. Eén van de beelden heeft precies de goede scherpte bij een sluitertijd van 1/5 sec. Dan besef ik mij dat ik met de grijsfilter de voordelen van de f/1.4 teniet heb gedaan en ga op zoek naar een ander onderwerp.

De boot vaart nog steeds door en ik zie telkens waterlelies langskomen. We varen vlak langs de lelies en ik hou mijn camera boven het wateroppervlak. Met continue scherpstelling probeer ik de bloem op f/1.4 precies scherp te krijgen. Er is enige oefening nodig maar eenmaal in de vingers lukt het steeds beter. De AF is in ieder geval niet de tekortkoming… die is retesnel!

Terwijl de boot doorvaart fotografeer ik waterlelies die langskomen op f/1.4.

Terwijl de boot doorvaart fotografeer ik waterlelies die langskomen op f/1.4.

Waar je wel om moet denken is dat in de volle zon werken met f/1.4 voor problemen zorgt: zelfs met ISO 100 was de bijbehorende sluitertijd eigenlijk sneller dan wat de camera aan kon. Op 1/8000 was de foto alsnog overbelicht. Eigenlijk moet je dan weer met een grijsfilter werken maar ik heb even gewacht tot ik een waterlelie iets meer in de schaduw vond.

De saaie labtesten

Je hebt veldervaringen en labtesten. Waar veel te veel fotografen zich blindstaren op MTF charts (scherptegrafieken) en testen van vervorming en vignettering is het veel beter om de lens tijdens je normale werk te testen. Hoe voelt hij, hoe werkt hij en wat voor gevoel heb je bij de resultaten. Toch kan het interessant zijn om je gevoel te vergelijken met objectieve testen.

Vignettering

Vignettering is lichtafval, het fenomeen dat de foto naar de hoeken toe donkerder wordt. Dit effect zie je vooral bij grote diafragmaopeningen en geen lens heeft er geen last van. Nog buiten het feit of je er als fotograaf ‘last’ van hebt want vele voegen het in de nabewerking alsnog weer toe om wat meer nadruk te leggen op het onderwerp. In het veld was het mij bij f/1.4 wel opgevallen maar hoger niet echt. Eens kijken als we hem tegen de muur zetten.

Vignettering van de Sigma 28 mm f/1.4 ART bij diverse diafragmawaarden.

Vignettering van de Sigma 28 mm f/1.4 ART bij diverse diafragmawaarden.

Je moet deze foto van wat meer afstand bekijken en dan zie je dat tot f/2.0 er iets aan vignettering te zien is, zeker bij f/1.4. Vanaf f/2.8 is het helemaal weg. In de meeste postprocessingssoftware zoals Lightroom zitten de profielen van lenzen ingebouwd waarmee hij zelf de vignettering corrigeert.

Vervorming

Veel lenzen, zeker groothoek, vervormen het beeld. Ook wel logisch omdat je een enorme beeldhoek om moet vormen tot een plat beeld. Bij groothoeklenzen die je dan vervorming of tonvormige vertekening (barrel distortion) en ik ben benieuwd in hoeverre de Sigma 28 mm hier last van heeft. De muur biedt weer uitkomst.

Een grid van lijnen over de muurfoto gelegd om te kijken naar vervorming.

Een grid van lijnen over de muurfoto gelegd om te kijken naar vervorming.

Als je goed kijkt zie je enige tonvormige vervorming maar dan moet je goed kijken… mij stoort het totaal niet. En mocht het je toch storen? In hetzelfde lensprofiel waarmee je de vignettering corrigeert zit ook een correctie voor de vertekening.

Scherpte

Mijn gevoel uit het veld was erg goed, ik zou deze lens zonder pardon zelfs op f/1.4 gebruiken. De muurfoto’s bieden ook hier uitsluitsel.

100% uitsnedes van het centrum van het beeld bij verschillende diafragmawaarden.

100% uitsnedes van het centrum van het beeld bij verschillende diafragmawaarden.

100% uitsnedes van de linker bovenhoek van het beeld bij verschillende diafragmawaarden.

100% uitsnedes van de linker bovenhoek van het beeld bij verschillende diafragmawaarden.

Mijn gevoel bedriegt mij niet, vanaf f/1.4 is het centrum van het beeld al indrukwekkend scherp. Vanaf f/1.6 (of f/1.8 als je veilig wilt zijn) is de scherpte volledig. Hoe indrukwekkend is dat… De hoekscherpte blijft wat achter maar dat is ook niet verwonderlijk met zulke diafragma waarden. Die is optimaal vanaf f/2.8. Maar ach, als je per se de hoeken scherp wil hebben doe je dat normaal gesproken bij landschappen en dan werk je toch zelden op f/1.4? Sterker nog, de meeste fotografen pakken f/8 of f/11…

Tegenlicht: flare en CA

Een laatste test en dan ben je van mij af. Hoe zit het met flare en CA (Chromatische Aberratie of kleurschifting). Flare heeft te maken met lichtbreking in de lens zelf bij direct invallend (zon)licht, CA is het fenomeen dat op contrastrijke plekken in de foto een ‘tussenkleur’ ontstaat, een gekleurd randje. CA is in de nabewerking vaak goed weg te halen door een optie als ‘remove CA’. Flare helaas niet.

Tegenlicht tegen mijn druif...

Tegenlicht tegen mijn druif…

Heerlijk fel tegenlicht bij f/16 om te kijken of je zo’n mooi ‘sterretje’ kunt krijgen door diffractie (lichtbreking door een kleine lensopening). Wat flare betreft kon ik nauwelijks flare ‘creëren’, een kleine groen vlekje is het beste wat ik ervan kon maken. Ook de CA valt enorm mee, als je goed kijkt zie je een kleine gekleurd randje maar het valt nauwelijks op en in de nabewerking is het zo weg.

Conclusie

Heb je het gered tot hier? Heel goed! Ik heb geprobeerd zo uitgebreid mogelijk te testen, zowel objectief als gevoelsmatig. Als ik de labtesten bekijk praten we hier met de Sigma 28 mm f/1.4 ART over een perfecte lens. Alleen de hoekscherpte misschien die wat minder is maar vanaf f/2.8 nog steeds grandioos. Wat de overige zaken betreft zoals centrumscherpte, vervorming, flare, CA en vignettering denk ik dat Sigma een nagenoeg perfecte lens heeft afgeleverd. De AF is accuraat en snel, het contrast en kleur zijn mooi, kortom, niets dan lof. Verder kun je gewoon je normale filters gebruiken.

Helemaal geen nadelen dan? Nee, eigenlijk niet. Alles wat ik kan bedenken zijn een beetje minor punten. Denk aan het best forse gewicht, mijn vingerafdrukken op de zonnekap en het niet zo gemakkelijk kunnen draaien van de polarisatiefilter bij montage zonnekap. Ook had voor mij de minimale scherpstelafstand wat korter gemogen. Ik hoef geen 1:1 macro maar de f/1.4 smeekt er bij mij om, om het macro gebied op te willen zoeken. Een maximale vergroting van 0,19x vind ik persoonlijk wat mager. Toch schijnt dit de standaard te zijn, alsof groothoekmacro nog niet ontdekt is. Verder is de lens (nog) niet beschikbaar voor ed spiegelloze camera’s en ik denk dat dat wel een gemis gaat zijn.

Laatste punt voor mij is wel een beetje de prijs. Vergelijk ik hem met zijn naaste broer en zus, de 24 mm f/1.4 en de 35 mm f/1.4 dan kosten die beide bijna 40% minder. Nu heb ik geen van beide getest en weet ik dus ook niet of ze de nagenoeg perfecte kwaliteit van de 28 mm zouden halen, toch denk ik dat ik met mijn fotografie (denk aan mijn passie voor de nacht) eerder voor de 24 mm of zelfs de 20 mm zou gaan. Net even die paar mm meer, net wel de hele reflectie erop en alle wolken. Tenzij de 28 mm echt zó ontzettend veel beter is… maar daarvoor zou ik de 24 mm (en 20 mm) eens uitgebreid moeten testen… Sigma…?

Voordelen (pro’s)

  • Zeer degelijke en solide lens, mooi afgewerkt.
  • Stevige zonnekap met lock.
  • Snelle AF door de HSM.
  • Scherp en dus prima bruikbaar vanaf f/1.4 in het centrum.
  • Vanaf f/2.0 ragscherp.
  • Vignettering valt enorm mee en is vanaf f/2.8 al weg.
  • Nauwelijks flare te ontdekken.
  • CA zeer beperkt.
  • Nauwelijks vertekening.
  • Filtermaat 77mm, dus alle ‘normale’ filters te gebruiken.

Nadelen (con’s):

  • Behoorlijk gewicht.
  • Hoekscherpte pas optimaal vanaf f/5.6.
  • Relatief lange minimale scherpstelafstand met behoudende maximale vergroting van 0,19 x.
  • Prijstechnisch behoorlijk veel duurder dan zijn broer en zus, 24 mm f/1.4 en 35 mm f/1.4.
  • Niet beschikbaar voor spiegelloze camera’s.
  • Blijft de vraag in hoeverre 28 mm voor natuurfotografen een logische brandpuntsafstand is…